Terug
Gepubliceerd op 20/05/2026

Besluit  Gemeenteraad

ma 18/05/2026 - 20:00

Belastingreglement op de lijk- en asbezorging van niet-inwoners voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031, met inwerkingtreding op 1 juni 2026. Goedkeuring.

Aanwezig: Yves Hulin, Voorzitter
Sophie De Wit, burgemeester
Bart Lambrecht, Mark Vanhecke, Anouk Beels, Hans Cops, Hilde Heyman, schepenen
Isabelle de Beukelaar, Paula De Leeuw, Kathy Mommen, Kris Vandromme, Filip Vanheukelom, Eddy Vermoesen, Glenn Anné, Paul Rens, Marc Sorber, Lea Den Abt, Rudy Siebens, Kris Wils, Rita Ceulemans, Willy Wijckmans, Sylvie Leemans, raadsleden
Peter van Mechelen, Algemeen directeur
Verontschuldigd: Nadine Francus, raadslid

De gemeenteraad keurde het nieuwe belastingreglement op de lijk- en asbezorging van personen niet ingeschreven in het bevolkings- of vreemdelingenregister van de gemeente Aartselaar goed. Vaststelling voor de periode 2026–2031. Aanpassing vanaf 1 juni 2026. 

Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, in het bijzonder artikel 40, §3 en artikel 41, 14°;
De gecoördineerde Grondwet, in het bijzonder de artikelen 41, 162, tweede lid, 170, §4 en 173, die de gemeenten fiscale autonomie verlenen;
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen, en latere wijzigingen;
Het Wetboek van de minnelijke en gedwongen invordering van fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen van 13 april 2019;
Omzendbrief KBBJ/ABB 2026/2 van 20 maart 2026 betreffende gemeentefiscaliteit, en eventuele latere wijzigingen;
Het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging en de uitvoeringsbesluiten van de Vlaamse Regering, met latere wijzigingen;
Omzendbrief KBBJ/ABB 2024/1 van 20 september 2024 betreffende de toepassing van het decreet van 16 januari 2004 en de bijhorende uitvoeringsbesluiten;   
Gelet op het ontwerp van het nieuw huishoudelijk reglement betreffende de gemeentelijke begraafplaatsen van Aartselaar, met inwerkingtreding op 1 juni 2026.

In het kader van een billijke verdeling van de kosten verbonden aan het gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen, wordt voorgesteld een belastingreglement in te voeren voor de begraving van niet-inwoners.

Niet-inwoners dragen niet bij aan de algemene financiering van de gemeentelijke dienstverlening via de aanvullende belastingen, terwijl de gemeente instaat voor de aanleg, het beheer en het onderhoud van de begraafplaatsen. Het is bijgevolg aangewezen dat niet-inwoners via een specifieke belasting bijdragen in deze kosten wanneer zij gebruik maken van de gemeentelijke begraafplaatsen.

Dit belastingreglement wordt afgestemd op het huishoudelijk reglement betreffende de gemeentelijke begraafplaatsen, dat gelijktijdig ter goedkeuring wordt voorgelegd.

Het onderscheid tussen inwoners en niet-inwoners is objectief en redelijk verantwoord door het verschil in financiële band met de gemeente. Niet-inwoners maken gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen zonder bij te dragen aan de algemene middelen, waardoor het verantwoord is hen via een specifieke belasting te laten bijdragen in de hiermee gepaard gaande kosten.

Publieke stemming
Aanwezig: Yves Hulin, Sophie De Wit, Bart Lambrecht, Mark Vanhecke, Anouk Beels, Hans Cops, Hilde Heyman, Isabelle de Beukelaar, Paula De Leeuw, Kathy Mommen, Kris Vandromme, Filip Vanheukelom, Eddy Vermoesen, Glenn Anné, Paul Rens, Marc Sorber, Lea Den Abt, Rudy Siebens, Kris Wils, Rita Ceulemans, Willy Wijckmans, Sylvie Leemans, Peter van Mechelen
Voorstanders: Yves Hulin, Sophie De Wit, Bart Lambrecht, Mark Vanhecke, Anouk Beels, Hans Cops, Hilde Heyman, Isabelle de Beukelaar, Paula De Leeuw, Kathy Mommen, Kris Vandromme, Filip Vanheukelom, Eddy Vermoesen, Glenn Anné, Paul Rens, Marc Sorber, Lea Den Abt, Rudy Siebens, Kris Wils, Rita Ceulemans, Willy Wijckmans, Sylvie Leemans
Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.

Enig Artikel

Het onderstaande belastingreglement  goed te keuren: 

Belastingreglement op de lijk- en asbezorging van niet-inwoners 

Artikel 1 - Het belastbaar voorwerp

Voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031, ingaande op 1 juni 2026, wordt een belasting geheven op de lijk- en asbezorging van personen die op het ogenblik van hun overlijden niet ingeschreven waren in het bevolkings- of vreemdelingenregister van de gemeente Aartselaar.

Artikel 2 - Tarief 

De belasting bedraagt € 500 per persoon voor lijkbezorging en asbijzetting. Voor asverstrooiing bedraagt de belasting € 200 per persoon.

Artikel 3 - Belastingplichtige

De belasting is verschuldigd door de aanvrager van de lijk- of asbezorging. De aanvrager is de natuurlijke of rechtspersoon die een aanvraag indient via het daartoe voorziene formulier.

Artikel 4 - Vrijstellingen

Van deze belasting zijn vrijgesteld de lijk- en asbezorgingen van de volgende personen:

  • die op het ogenblik van het overlijden, te Aartselaar ingeschreven zijn in de bevolkings- of vreemdelingenregisters of ermee gelijkgesteld werden of er ten minste twintig jaar van hun leven ingeschreven waren;
  • voorafgaand aan het overlijden hun hoofdverblijfplaats te Aartselaar hadden, maar werden ingeschreven in een verzorgingsinstelling;
  • overeenkomstig artikel 14 van het decreet worden begraven (behoeftigen), evenals personen die op het grondgebied van de gemeente zijn overleden en voor wie niemand de begrafenis regelt.

Artikel 5 - Wijze van inning

Deze gemeentebelasting wordt contant geïnd.

De belastingschuldige is gehouden ten minste 24 uur voorafgaand aan het belastbaar feit aangifte te doen bij het gemeentebestuur en het verschuldigde bedrag te betalen aan de financieel directeur of zijn afgevaardigde, tegen afgifte van een betalingsbewijs dat op verzoek van de met toezicht belaste personeelsleden moet worden voorgelegd.

Bij gebrek aan contante betaling wordt de belasting ingekohierd.


Artikel 6 - Bezwaarprocedure

De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger kan bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen. Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, gemotiveerd en ondertekend zijn.

Het bezwaar moet, op straffe van verval, worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet.