Terug
Gepubliceerd op 17/12/2025

Notulen  Gemeenteraad

ma 17/11/2025 - 20:00 Raadszaal
Aanwezig: Yves Hulin, Voorzitter
Sophie De Wit, burgemeester
Bart Lambrecht, Mark Vanhecke, Anouk Beels, Hans Cops, Hilde Heyman, schepenen
Isabelle de Beukelaar, Paula De Leeuw, Kathy Mommen, Kris Vandromme, Filip Vanheukelom, Eddy Vermoesen, Glenn Anné, Paul Rens, Marc Sorber, Lea Den Abt, Rudy Siebens, Kris Wils, Nadine Francus, Eddy Bal, Rita Ceulemans, raadsleden
Peter van Mechelen, Algemeen directeur
Verontschuldigd: Ive De Saeger, raadslid
  • Agendapunten aangebracht door het CBS

    • Goedkeuring van de notulen van de gemeenteraad van 13.10.2025.

      hecht zijn goedkeuring aan de notulen van zijn vergadering van 13.10.2025.

    • Eedaflegging van de financieel directeur.

      Stelt vast dat de heer Arno van Velsen, geboren te Jette op 24 juni 1995, vanaf 1 december 2025 tot financieel directeur wordt benoemd en dat hij als dusdanig vooraleer hij de functie kan opnemen de eed moet afleggen in handen van de voorzitter, in uitvoering van artikel 163 van het decreet over het lokaal bestuur. 

      In openbare zitting van de gemeenteraad verschijnt de heer Arno van Velsen voor de voorzitter en legt in handen de eed af als volgt: "Ik zweer de verplichtingen van mijn ambt trouw na te komen". 

      Van deze eedaflegging werd een afzonderlijke akte opgesteld, ondertekend door de voorzitter en de comparant. 

    • Jaarrekening 2024. Goedkeuringsbesluit door gouverneur. Kennisname.

      Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en in het bijzonder de artikelen 260 tot en met 262.

      Het besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheercyclus van de lokale en de provinciale besturen, en in het bijzonder de artikelen 17 tot en met 26.

      Het ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheers cyclus van de lokale en de provinciale besturen, en in het bijzonder de artikelen 2 tot en met 4.

      Artikel 332, §1, derde lid van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.

      De publicatie van de jaarrekening 2024, vastgesteld op 19 mei 2025 op de web-toepassing van de gemeente.

       

      De gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn van Aartselaar hebben op 22 april 2024 de jaarrekening 2024 vastgesteld met volgende saldi:

             budgettair resultaat boekjaar:                               (3.972.746 EUR)

             gecumuleerd budgettair resultaat boekjaar:            8.468.742 EUR

             beschikbaar budgettair resultaat:                           5.141.015 EUR

             balanstotaal:                                                        72.073.049 EUR

             Overschot van het boekjaar:                                  (2.415.925 EUR)

      De jaarrekening werd gepubliceerd op de web-toepassing van de gemeente. Het gemeentebestuur bracht de toezichthoudende overheid op de hoogte van deze publicatie op 23 mei 2025 en bezorgde de digitale rapportering op 21 mei 2025.

      Het besluit van de goedgekeurde jaarrekening moet ter kennisname gebracht worden op de eerstvolgende vergadering van de gemeenteraad en van de raad voor maatschappelijk welzijn.

      Enig artikel

      Neemt kennis van het goedkeuringsbesluit van de gouverneur van de provincie Antwerpen d.d. 13 oktober 2025 m.b.t. de jaarrekening over het financiële boekjaar 2024 van de gemeente Aartselaar.

    • Samenstelling van de gemeenteraadscommissies. Wijziging.

      Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, zoals laatst gewijzigd.

      Artikel 38, 7° bepaalt dat de gemeenteraad een huishoudelijk reglement vaststelt waarin de nadere regels voor de samenstelling en de werking van de commissies worden opgenomen.

      Het huishoudelijk reglement voor de gemeenteraad werd goedgekeurd op de raad van 20.1.2025.

      In artikel 28 van het huishoudelijk reglement is de oprichting van 4 raadscommissies waarin alle fracties evenredig vertegenwoordigd zijn, opgenomen.

      Het ambt van secretaris van elke raadscommissie wordt waargenomen door een of meer personeelsleden van de gemeente, op voorstel van de algemeen directeur, aangewezen door het college van burgemeester en schepenen.

      De verschillende gemeenteraadsfracties hebben een voordrachtakte ingediend voor de verschillende commissies.

      Elke commissie wordt voorgezeten door een gemeenteraadslid. De leden van het college van burgemeester en schepenen kunnen geen voorzitter zijn van een commissie. De gemeenteraad duidt de voorzitters van de andere commissies aan.

      Een wijziging in samenstelling van de politieke fractie Samen NAP, gevraagd in bericht van 14 oktober 2025.

      Artikel 1

      De gemeenteraad  richt  in haar midden vier gemeenteraadscommissies op. Deze commissies hebben als taak het voorbereiden van de besprekingen in de gemeenteraadszittingen, het verlenen van advies en het formuleren van voorstellen over de wijze waarop vorm wordt gegeven aan de inspraak van de bevolking telkens als dat voor de beleidsvoering wenselijk wordt geacht. De commissies kunnen steeds deskundigen en belanghebbenden horen.

      In de commissie ‘Bestuurszaken’  zullen de thema’s financiën en begroting, personeel, intergemeentelijke samenwerking, ICT en smart cities, wagenpark, burgerinspraak, communicatie en de relaties met de kerkfabriek aan bod komen.

      In de commissie ‘Vrije tijd’ zullen de thema’s sport, jeugd, cultuur, bibliotheek, toerisme, evenementen, markten en uitleenmateriaal aan bod komen.

      In de commissie ‘Sociale zaken’ zullen de thema’s welzijn, woonbeleid, onderwijs, gezinsbeleid, kinderopvang, senioren, volksgezondheid, tewerkstelling, inburgering, dierenwelzijn en ontwikkelingssamenwerking aan bod komen.

      In de commissie ‘Grondgebonden materies’ zullen de thema’s mobiliteit, openbare werken, ruimtelijke ordening (behoudens de exclusieve bevoegdheid van de Gecoro), patrimonium, onroerend erfgoed, leefmilieu, landbouw, energie, openbaar groen en waterbeleid aan bod komen.
       

      Artikel 2

      De raadscommissie bestuurszaken als volgt samen te stellen:

      • Isabelle De Beukelaar | N-VA
      • Paula De Leeuw | N-VA
      • Yves Hulin | N-VA
      • Kathy Mommen | N-VA
      • Filip Van Heukelom | N-VA
      • Ive De Saeger | Groen
      • Nadine Francus | Lokaal Liberaal
      • Lea Den Abt | Samen NAP
      • Eddy Bal | Vlaams Belang
      • Glenn Anné | Ieder 1 Aartselaar
      met Eddy Vermoesen (N-VA) als voorzitter.

       

      Artikel 3

      De raadscommissie vrije tijd als volgt samen te stellen:

      • Paula De Leeuw | N-VA
      • Yves Hulin | N-VA
      • Kris Vandromme | N-VA
      • Filip Vanheukelom | N-VA
      • Eddy Vermoesen | N-VA
      • Ive De Saeger | Groen
      • Nadine Francus | Lokaal Liberaal
      • Lea Den Abt | Samen NAP
      • Rita Ceulemans | Vlaams Belang 
      • Paul Rens | Ieder 1 Aartselaar

      met Kathy Mommen (N-VA) als voorzitter.

       

      Artikel 4

      De raadscommissie sociale zaken als volgt samen te stellen:

      • Paula De Leeuw | N-VA
      • Yves Hulin | N-VA
      • Kathy Mommen | N-VA
      • Kris Vandromme | N-VA
      • Filip Vanheukelom | N-VA
      • Ive De Saeger | Groen
      • Nadine Francus | Lokaal Liberaal
      • Lea Den Abt | Samen NAP
      • Rita Ceulemans | Vlaams Belang
      • Marc Sorber | Ieder 1 Aartselaar
      met Isabelle de Beukelaar (N-VA) als voorzitter.
       

      Artikel 5

      De raadscommissie grondgebonden materies als volgt samen te stellen:

      • Isabelle de Beukelaar | N-VA
      • Paula De Leeuw | N-VA
      • Yves Hulin | N-VA
      • Kris Vandromme | N-VA
      • Eddy Vermoesen | N-VA
      • Ive De Saeger | Groen
      • Nadine Francus | Lokaal Liberaal
      • Rudy Siebens | Samen NAP
      • Eddy Bal | Vlaams Belang 
      • Glenn Anné | Ieder 1 Aartselaar
      met Filip Vanheukelom (N-VA) als voorzitter.
       

      Artikel 6

      Een afschrift van deze beslissing te bezorgen aan het managementteam en de diensthoofden.

       

    • Goedkeuring van een wijziging van het huishoudelijk reglement van het lokaal overleg kinderopvang.

      Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

      Het besluit van de Vlaamse regering van 24 mei 2013, houdende het lokale beleid kinderopvang.

      het decreet BOA van 3 mei 2019 en latere wijzigingen

      Binnen de gemeente Aartselaar bestaat een lokaal overleg kinderopvang (LOK), dat als adviesraad advies verleent over het lokale kinderopvangbeleid en de opvang van kinderen tussen 0 en 12 jaar. Het lokaal samenwerkingsverband buitenschoolse opvang en activiteiten (LSV), zoals voorzien in het decreet rond BOA, is nog niet opgestart. Het decreet voorziet evenwel dat het lokaal bestuur verantwoordelijk is voor het uitbouwen van een lokaal samenwerkingsverband om een geïntegreerd aanbod buitenschoolse opvang en activiteiten te realiseren. Om efficiëntie, beleidscontinuïteit en participatie van lokale actoren en gebruikers te garanderen, wordt ervoor gekozen om het nog op te starten LSV te integreren in het LOK. 

      Het samenvoegen van het LOK en de opdrachten van het LSV in één adviesraad zorgt voor meer efficiëntie. De brede samenstelling, waarbij zowel aanbieders van opvang, scholen, organisaties, gemeentelijke diensten, ouders en gebruikersgroepen vertegenwoordigd zijn zorgt voor een representatief en breed gedragen adviesorgaan. De bedoeling is om overlap zoveel mogelijk te vermijden zodat de werklast voor de actoren haalbaar blijft.  Omdat er een extra opdracht bij het LOK bijkomt is een aanpassing van het huishoudelijk reglement nodig. Om de verbreding van 'kinderopvang' naar 'kinderopvang en activiteiten' duidelijk te maken willen we ook graag de naam LOK veranderen naar LOKAA, wat staat voor Lokaal Overleg Kinderopvang en Activiteiten Aartselaar. 

      Artikel 1

      Een aanpassing aan het huishoudelijk reglement van het LOK goed te keuren:

       

      HOOFDSTUK 1: OPRICHTING & JURIDISCHE GROND

      Artikel 1: Oprichting

      Het Lokaal Overleg Kinderopvang  en Activiteiten Aartselaar wordt erkend als adviesorgaan in uitvoering van het besluit van de Vlaamse regering van 24 mei 2013, houdende het lokale beleid kinderopvang en lokaal samenwerkingsverband in uitvoering van het Decreet BOA van 3 mei 2019:  afdeling 2 samenwerking.  

      Artikel 2: Juridisch kader

      Het huishoudelijk reglement regelt de interne werking van het Lokaal Overleg Kinderopvang en Activiteiten Aartselaar. Het is rechtsgeldig na bekrachtiging door de gemeenteraad.

      Artikel 3: Zetel en werkingsgebied

      §1. De zetel van de raad is gevestigd in het gemeentehuis, Baron Van Ertbornstraat 1, 2630 Aartselaar.

      §2. Het werkingsgebied omvat het volledige grondgebied van de gemeente Aartselaar.

       

      HOOFDSTUK 2: DOELSTELLINGEN

      Artikel 4: Algemene doelstellingen

      Het Lokaal Overleg Kinderopvang en Activiteiten Aartselaar heeft tot doel:

      1. Het gemeentebestuur adviseren bij de opmaak van het lokaal beleidsplan kinderopvang en eventuele bijsturingen ervan
      2. Het gemeentebestuur adviseren over de uitvoering van het lokaal beleidsplan kinderopvang en eventuele bijsturingen ervan
      3. Het gemeentebestuur adviseren met betrekking tot de uitbouw van opvangvoorzieningen binnen de gemeent
      4. Het gemeentebestuur adviseren over de uitvoering van zijn opdrachten over buitenschoolse opvang en activiteiten (BOA) en de meerjarenplanning.   
      5. Inspraak en samenwerking met relevante BOA-actoren organiseren, en het coördineren van operationele acties binnen de beschikbare middelen.   

       

      Artikel 5: Adviesverlening

      De adviesraad kan op eigen initiatief adviezen formuleren aan het college van burgemeester en schepenen voor nieuwe initiatieven binnen zijn werkingsgebied. Deze adviezen omvatten:

      1. Een duidelijke omschrijving van het voorgestelde initiatief
      2. De doelstelling en beoogde impact
      3. Hoe dit past binnen het meerjarenplan
      4. Een realistische inschatting van de benodigde middelen
      5. Of en welke inzet de adviesraad zelf kan leveren

       

      Het college van burgemeester en schepenen heeft na ontvangst van het advies 30 kalenderdagen de tijd om schriftelijk te antwoorden op dit advies. Dit antwoord dient gemotiveerd te zijn, in het bijzonder wanneer wordt afgeweken van het advies.

      Elk advies verschijnt automatisch als agendapunt op de eerstvolgende vergadering van de adviesraad na ontvangst van het antwoord. De adviesraad kan hierover een inhoudelijk debat voeren en desgewenst een vervolgadvies formuleren.

      Het college van burgemeester en schepenen kan ook op eigen initiatief een adviesvraag voorleggen aan de adviesraad. Deze vraag dient:

      • Schriftelijk te worden bezorgd aan de secretaris en de voorzitter van de adviesraad
      • Een duidelijke vraagstelling te bevatten
      • Voldoende achtergrondinformatie te bevatten
      • Een redelijke antwoordtermijn te specificeren van minimaal 60 dagen vanaf het moment van verzending. Bij hoogdringendheid kan van deze termijn afgeweken worden.

       

      HOOFDSTUK 3: STRUCTUUR

      Artikel 6: Basisstructuur

      De structuur van het Lokaal Overleg Kinderopvang en Activiteiten Aartselaar bestaat uit:

      1. Een Lokaal overleg kinderopvang
      2. (Eventuele) werkgroepen

       

      HOOFDSTUK 4: LOKAAL OVERLEG KINDEROPVANG EN ACTIVITEITEN AARTSELAAR

      Artikel 7: Samenstelling

      Het Lokaal overleg kinderopvang en Activiteiten Aartselaar bestaat uit:

      a)      Stemgerechtigde leden

      b)     Niet-stemgerechtigde leden

      Politieke mandatarissen en personeelsleden verbonden aan lokaal bestuur Aartselaar kunnen geen deel uitmaken van de adviesraad uitgezonderd de stemgerechtigde en niet-stemgerechtigde leden. 

      Artikel 8: Stemgerechtigde leden

      Stemgerechtigde leden bestaan uit:

      1. Lokale actoren:
        • Één afgevaardigde van elke instelling, school, organisatie of dienst, gevestigd in de gemeente Aartselaar, die met haar werking of dienstverlening opvang en naschoolse activiteiten of vakantiewerking aanbiedt voor kinderen tussen 0 en 12 jaar
        • Indien een actor meer dan één voorziening beheert, mag hij per voorziening één afgevaardigde aanduiden
        • Het gemeentebestuur wordt in de hoedanigheid van actor vertegenwoordigd via ambtenaren. Zij hebben samen 1 stem die het lokaal bestuur vertegenwoordigt. 
      2. Gebruikers:
        • Geïnteresseerde (groot)ouders wiens (klein)kinderen gebruik maken van de diensten van de vermelde actoren
        • Deze kunnen al dan niet vertegenwoordigd zijn via een koepelorganisatie (bv. Oudervereniging of gezinsbondafdeling)
        • De gebruikers kunnen nooit meer dan de helft van het aantal stemgerechtigde leden uitmaken

      Maximum twee derde van de leden behoren tot hetzelfde geslacht zoals bepaald volgens het Decreet Lokaal Bestuur art. 304 §3.

       

      Artikel 9: Niet-stemgerechtigde leden

      Niet-stemgerechtigde leden zijn:

      1. De schepen bevoegd voor Kinderopvang, die het gemeentebestuur als regisseur vertegenwoordigd
      2. De schepen bevoegd voor Welzijn, met adviserende stem
      3. De gemeentelijke ambtenaar belast met het secretariaat
      4. De consulent lokaal beleid kinderopvang van Kind & Gezin

       

      Artikel 10: Duur van het mandaat

      Het Lokaal Overleg Kinderopvang en Activiteiten Aartselaar wordt uiterlijk binnen de zes maanden volgend op de nieuwe gemeenteraad herkozen.

       

      Artikel 11: Einde mandaat

      Aan het mandaat komt een einde:

      1. Door het ontslag van betrokkene zelf
      2. Door intrekking van het mandaat door de organisatie die hij/zij vertegenwoordigt
      3. Door drie opeenvolgende afwezigheden zonder gegronde reden
       

      Artikel 12: Verkiezing voorzitter

      Het Lokaal Overleg Kinderopvang en Activiteiten Aartselaar verkiest uit zijn midden voor een termijn van de legislatuur een voorzitter. De voorzitter blijft in functie tot de hersamenstelling van het Lokaal Overleg Kinderopvang en Activiteiten Aartselaar bij aanvang van een nieuwe legislatuur.

      De voorzitter heeft geen binding met welke voorziening ook die in de gemeente een opvangfunctie of naschools/vakantieaanbod vervult. Indien om deze reden niemand van de bestaande leden kan kandideren voor het voorzitterschap, kan door de leden een kandidaat-voorzitter worden voorgedragen van buiten de vergadering.

      De functie van voorzitter wordt verkozen bij gewone meerderheid der uitgebrachte stemmen, mits minstens de helft van de stemgerechtigde leden aanwezig is.

      De voorzitter en secretaris zijn beiden belast met de voorbereidingen van de vergaderingen en het opvolgen van de genomen beslissingen.

       

      HOOFDSTUK 5: WERKING LOKAAL OVERLEG KINDEROPVANG EN ACTIVITEITEN AARTSELAAR

      Artikel 13: Vergaderritme en uitnodigingen

      Het overleg komt ten minste tweemaal per jaar samen en vergadert openbaar.

      De vergadering wordt samengeroepen door de voorzitter of wanneer één derde van de leden erom verzoekt.

      De uitnodigingen voor de vergaderingen worden ten minste een week op voorhand aan de leden bezorgd en bevatten de agenda.

      Voorstellen om agendapunten op de dagorde te plaatsen moeten schriftelijk bij de secretaris ingediend worden en zullen op de eerstvolgende vergadering behandeld worden.

       

      Artikel 14: Verslaggeving

      De notulen van de vergaderingen worden opgesteld door de secretaris of zijn plaatsvervanger en op de volgende vergadering ter goedkeuring worden voorgelegd.

      Het ontwerpverslag wordt binnen 14 werkdagen na de vergadering:

      1. Via e-mail bezorgd aan alle leden
      2. Overgemaakt ter kennisname op het eerstvolgende college van burgemeester en schepenen

      Na goedkeuring wordt het definitieve verslag:

      1. Bezorgd aan alle leden
      2. Gepubliceerd op de gemeentelijke website
      3. Gearchiveerd door de secretaris in het digitaal archief van de gemeente

       

      Artikel 15: Besluitvorming

      De beslissingen worden bij voorkeur in consensus genomen. Indien er geen consensus kan bereikt worden, wordt er gestemd.

      Om geldig te kunnen stemmen, moet ten minste de helft van de stemgerechtigde leden aanwezig zijn. Indien niet aan deze voorwaarde is voldaan, heeft de volgende vergadering, ongeacht het aantal stemgerechtigde leden, beslissingsrecht.

      Alle beslissingen worden genomen met een gewone meerderheid van de aanwezige stemgerechtigde leden. Bij staking van stemmen is de stem van de voorzitter doorslaggevend.

      Een advies tot wijziging van het huishoudelijk reglement dient door twee derde van de aanwezige stemgerechtigde leden te worden goedgekeurd, waarna het ter beslissing wordt voorgelegd aan de gemeenteraad.

       

      Artikel 16: Werkgroepen

      Het lokaal overleg kinderopvang en Activiteiten Aartselaar kan werkgroepen oprichten, met respect voor de doelstelling van de adviesraad. Elk lid van het lokaal overleg kan hieraan deelnemen.

       

      HOOFDSTUK 6: INWERKINGTREDING

      Artikel 17: Inwerkingtreding

      Dit reglement treedt in werking op 18 november 2025.

       

      Artikel 2

      Zich te engageren om voldoende organisatorische ondersteuning te voorzien en een werkingsbudget dat een goede werking van de adviesraad mogelijk maakt.

    • Aanvaarding van schenkingen door de ouderwerking en sportschoolraad van Cade.

      Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, in het bijzonder artikel 40, §1, 2°, d) en artikel 41, tweede lid, 12°.

      De ouderwerking en schoolsportraad van de gemeentelijke basisschool beschikken over eigen middelen, afkomstig van fondsenwervende activiteiten (schoolfeesten, acties, sponsoring, ...).

      Er is nood aan een transparante, juridisch correcte en efficiënte regeling voor de aanvaarding van schenkingen, waarbij de decretale bevoegdheid van de gemeenteraad behouden blijft, maar de administratieve belasting beperkt wordt.

      De ouderwerking en schoolsportraad ondersteunen de school via schenkingen die rechtstreeks ten goede komen aan de leerlingen en aan de verkeersveiligheid in de schoolomgeving. Voorbeelden zijn: sponsoring van busritten naar bosklassen, aankoop van speeltuigen, educatief materiaal of reflecterende zebrapadmannetjes.

      Conform het advies van de Onderwijsvereniging van Steden en Gemeenten (OVSG) is het aangewezen om te werken met duidelijke afspraken en periodieke bundeling van schenkingen. Zo kan de gemeenteraad haar decretale bevoegdheid behouden, zonder dat kleine materiële of beperkte financiële schenkingen steeds afzonderlijk moeten worden behandeld.

      Artikel 1

      De gemeenteraad geeft goedkeuring voor het aanvaarden van schenkingen in natura of in geld door de ouderwerking en schoolsportraad van de gemeentelijke basisschool, binnen de volgende voorwaarden:
      • Het bedrag of de waarde van de schenking bedraagt maximaal €10.000 per schooljaar;
      • De schenking is rechtstreeks bestemd voor investeringen of activiteiten die ten goede komen aan de leerlingen van de gemeentelijke basisschool of aan de verkeersveiligheid in de schoolomgeving;
      • De schenking wordt vooraf gemeld aan de directie van de school en de financieel directeur van de gemeente;
      • De ouderwerking en schoolsportraad bezorgen jaarlijks een overzicht van de gedane schenkingen aan het college van burgemeester en schepenen.

      Artikel 2

      Het college van burgemeester en schepenen wordt gemandateerd om, binnen de in artikel 1 omschreven voorwaarden, deze schenkingen voorlopig te aanvaarden onder de opschortende voorwaarde van definitieve bekrachtiging door de gemeenteraad.

      Artikel 3

      De gemeenteraad bekrachtigt jaarlijks in december het overzicht van alle in het voorbije jaar voorlopig aanvaarde schenkingen. Deze bekrachtiging geldt als definitieve aanvaarding in de zin van artikel 41, tweede lid, 12° van het Decreet Lokaal Bestuur.

      Artikel 4

      Dit besluit treedt in werking op de datum van goedkeuring en blijft gelden tot uitdrukkelijke intrekking of wijziging door de gemeenteraad.

    • Goedkeuring van de aanpassing van het gebruikersreglement en de tarieven van de bibliotheek binnen de regiowerking Bibkwintet

      Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

      In het kader van het intergemeentelijk samenwerkingsverband Bibkwintet, waartoe zeven lokale besturen behoren, werd sinds 2019 gewerkt met een gemeenschappelijk gebruikersreglement voor de bibliotheekwerking. Na bijna vier jaar werking met dit systeem bleek een actualisatie van het reglement noodzakelijk om verschillen tussen de deelnemende gemeenten weg te werken en een uniforme dienstverlening te blijven garanderen. Tijdens het Beheerscomité van Bibkwintet op 12/09/2025 werd advies gevraagd aan de bevoegde mandatarissen, die vragen konden stellen en suggesties voor aanpassingen formuleerden.

      De volgende aanpassingen werden gedaan in het gebruiksreglement en de tarieven:

      • Abonnementstarief

      • Verhoging naar € 7,- (was € 5,-)

      • Gratis tot en met 25 jaar (was 18 jaar)

      • Sociaal tarief verhoogd naar € 1,40  (was € 1,-) - gevolg van de 80/20 ratio.

      • Interbibliothecair leenverkeer (IBL)

      • Verhoging naar € 10,- per materiaal (was 5,-) - in lijn met de reële kosten voor levering en verzending.

      • Verlies of beschadiging van materiaal

      • Overgang naar vergoeding op basis van de aankoopprijs (was forfaitair bedrag) - materiaalkosten variëren teveel in prijs om te kunnen dekken met een forfaitair bedrag.

      • Vergoeding bij kleine beschadiging blijft 3 euro.

      • Print/kopie Zwart-Wit A4

      • Verhoging naar € 0,15 p/st  (was € 0,10 p/st) - voor meer uniformiteit binnen de gemeentes en marktconforme prijzen.

      • Volgpas (extra bibliotheekkaart)

      • Voortaan gratis tot 12 jaar (was 18 jaar) -  gezien de beschikbaarheid van de elektronische identiteitskaart vanaf 12 jaar. Deze fungeert ook als hoofdpas voor het bib-abonnement.

      • Vakantieleentermijn

      • Nieuwe bepaling: een standaard leentermijn van 6 weken tussen 15 juni en 15 augustus. (ipv de gebruikelijke 4 weken)

      • Taal en structuur

      • het reglement werd herschreven in heldere, administratief eenvoudige taal (B1-B2-niveau), met kortere zinnen en duidelijke hoofdstukindeling. De wijzigingen zorgen voor meer leesbaarheid, vereenvoudiging en een betere afstemming tussen de deelnemende bibliotheken (Een compleet overzicht van de wijzigingen in bijlage)

      Artikel 1 – De gemeenteraad geeft goedkeuring aan de aangepaste versie van het gebruikersreglement voor de bibliotheekwerking binnen het Bibkwintet, zoals gevoegd in bijlage bij dit besluit.

      Artikel 2 – De gemeenteraad geeft goedkeuring aan de herziene tarieven voor de bibliotheekwerking binnen het Bibkwintet, zoals gevoegd in bijlage bij dit besluit.

      Artikel 3 – Het nieuwe reglement  en de nieuwe tarieven treden in werking op 1 januari 2026 en heffen de voorgaande gebruikersreglementen en tarieven op.

    • Retributiereglement voor de selectieve inzameling van huishoudelijk en vergelijkbaar bedrijfsafval via het recyclagepark. Principiële goedkeuring.

      Artikelen 41, 162 en 170, §4, van de gecoördineerde Grondwet van 17 februari 1994.

      Het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 geeft de bevoegdheden van de gemeenteraad aan.

      Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.

      De omzendbrief KB/ABB 2019/2 van 15 februari 2019 betreffende de gemeentefiscaliteit.

      De algemene bestuurlijke politieverordening, meer bepaald de artikelen betreffende het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen.

      Het Lokaal Materialenplan 2023 - 2030 stelt het beleid in Vlaanderen vast rond de selectieve inzameling en verwerking van huishoudelijk afval en gelijkaardig bedrijfsafval.

      Dit Materialenplan vormt het algemeen kader voor de selectieve inzameling van diverse fracties.

      Tegen 2030 wil Vlaanderen de totale hoeveelheid restafval sterk verminderen.

      Via het Materialenplan worden restafvaldoelstellingen voor elke gemeente vastgelegd.

      Het Materialendecreet van 23 december 2011 implementeert de Europese kaderrichtlijn (EG) 2008/98 voor het beheer van afvalstoffen in Vlaanderen. 

      • Artikel 26 van het Materialendecreet geeft aan de gemeenten de opdracht om huishoudelijke afvalstoffen zo veel mogelijk te voorkomen of te hergebruiken, op regelmatige tijdstippen op te halen of op een andere wijze in te zamelen.
      • Artikel 10 van hetzelfde decreet bepaalt dat de gemeenten de kosten van het beheer van huishoudelijk afval moeten verhalen op de afvalproducenten.

      Het Besluit van de Vlaamse Regering van 17 februari 2012 tot vaststelling van het Vlaams reglement betreffende het duurzaam beheer van materialenkringlopen en afvalstoffen, VLAREMA.

      • Artikel 5.1.1 van het VLAREMA bepaalt dat de gemeenten het principe “de vervuiler betaalt” toepassen bij de berekening van de bijdrage in de kosten die door de burger moeten worden betaald.
      • Bijlage 5.1.4 van het VLAREMA legt de minima en maxima tarieven vast voor de inzameling van een aantal afvalstoffen. Die tarieven worden jaarlijks op 1 januari aangepast op basis van de evolutie van de gezondheidsindex.
      • De minima en maxima tarieven zoals vermeld in bijlage 5.1.4 van het VLAREMA worden jaarlijks op 1 januari aangepast op basis van de evolutie van de gezondheidsindex.
      • Artikel 4.3.2 van het VLAREMA bepaalt dat bedrijven en zelfstandigen verplicht zijn om hun afval gesorteerd aan te bieden. 

      De gemeente Aartselaar is lid van IGEAN milieu & veiligheid en heeft beheersoverdracht aan IGEAN milieu & veiligheid gedaan voor de exploitatie van het recyclagepark.

      1.     Doel van de retributie

      Aan de inzameling en verwerking van huishoudelijke afvalstoffen en vergelijkbaar bedrijfsafval via het recyclagepark zijn kosten verbonden, die zwaar doorwegen op de gemeentelijke financiën. Het is gerechtvaardigd een billijke financiële tussenkomst te vragen voor het leveren van bepaalde afvalfracties op het recyclagepark, omwille van de financiële toestand van de gemeente en de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht te handhaven.

      Om de scheiding aan de bron aan te moedigen is het aangewezen de kosten voor het transport en de verwerking van alle afvalsoorten volledig in functie van het aanbod door te rekenen aan de aanbieders. Voor een goede sturing van de selectieve inzameling en het maximaal vermijden van ongesorteerde afvalstromen, is een goede verhouding tussen de tarieven voor de verschillende fracties essentieel.

      Een jaarlijkse indexering van een aantal retributies is aangewezen om de algemene kostenstijging te volgen en de verhouding inkomsten/kosten in balans te houden.

      Door in de gemeenten van het samenwerkingsgebied van IGEAN een gelijkaardig systeem en dezelfde retributies toe te passen, worden de tarieven door de inwoners als eerlijker ervaren en kan afvaltoerisme vermeden worden. Bovendien laten dezelfde retributies het intergemeentelijk gebruik van de recyclage-parken toe, wat zorgt voor meer dienstverlening. 

      2.    Relevante voorgeschiedenis, feiten en context

      Op het recyclagepark wordt diftar met weging toegepast, waarbij de betalende fracties worden gewogen en onmiddellijk afgerekend volgens het aangeleverde gewicht. Een goede verhouding tussen de retributies voor de verschillende fracties, gratis of betalend, is noodzakelijk om een correcte sortering te stimuleren.

      Bedrijven en zelfstandigen hebben toegang tot de intergemeentelijke KMO-recyclageparken. De retributies die aan de bedrijven en zelfstandigen worden gevraagd moeten marktconform en dus kostendekkend zijn.

      De tarieven zijn vastgelegd in het retributiereglement zoals goedgekeurd door de gemeenteraad op 27.05.2024.

      De recyclageparken worden door IGEAN intergemeentelijk geëxploiteerd. De inwoners van een gemeente kunnen dus niet enkel terecht op het recyclagepark van hun gemeente, maar eveneens op het recyclagepark van een andere gemeente die deel uitmaakt van dezelfde regio. Er zijn 3 regio’s: regio Noord, regio Zuid en Schelle.

      Het voorstel met de nieuwe tarieven en vrijstellingen werd toegelicht en besproken op het adviescomité milieu op 16.06.2025 en goedgekeurd door de raad van bestuur van IGEAN op 10.09.2025.

       

      Artikel 1

      Met ingang van 1 januari 2026 worden volgende retributies vastgelegd voor de aanvoer van volgende afvalstoffen op het recyclagepark:

      Afvalfractie

      tarieven (euro/kg)

      Particulier, 2e verblijf, verenigingen, scholen, …

      Bedrijven en zelfstandigen

      (KMO-tarief)

      • grofvuil
      • gemengd bouw- en sloopafval
      • asbesthoudend afval

      0,35

      0,35

      • kalkplaten
      • cellenbeton
      • vlak glas
      • grond
      • zuiver steenpuin
      • hout 

      0,05

      0,12

      • groenafval

      -

      0,12

      • piepschuim (zak 1.500 liter)

      -

      6 euro/zak

      • plastic folie (zak 400 liter)

      -

      5 euro/zak

       

      Artikel 2

      § 1. Het bedrag van de retributies vermeld in artikel 1 is verschuldigd door eenieder die gebruik maakt van het recyclagepark voor de aanvoer van de in artikel 1 genoemde afvalstoffen. 

      § 2. Een gezin bestaat uit alle personen die in het bevolkingsregister aan elkaar gekoppeld zijn via de referentiepersoon. De referentiepersoon van een gezin is de persoon in het bevolkingsregister die het huishouden vertegenwoordigt bij contacten met de overheid. 

      § 3. Voor elk gezin zijn er volgende vrijstellingen van toepassing:

      1. Een gezin van maximum 3 personen krijgt per jaar 50 kg vrijstelling.
      2. Er geldt een extra vrijstelling van 10 kg per bijkomend gezinslid per jaar.
      3. Deze vrijstellingen worden éénmaal per jaar, namelijk op 1 januari, toegekend. 
      4. Vrijstellingen kunnen niet opgebouwd / overgedragen worden naar het volgende jaar.
      5. Voor grofvuil wordt geen vrijstelling toegekend.
      6. Voor asbesthoudend afval geldt een vrijstelling van 1.000 kg per jaar.
      7. Enkel het bezoekerstype “particulier” krijgt een vrijstelling toegekend.
      § 4. Bedrijven en zelfstandigen krijgen geen vrijstellingen. 

      § 5. Er wordt maximaal 1.000 kg per dag per bedrijf en zelfstandige aanvaard. De afvalstoffen moeten gesorteerd naar het recyclagepark gebracht worden. Alleen vergelijkbare bedrijfsafvalstoffen worden aanvaard. Vergelijkbare bedrijfsafvalstoffen zijn afvalstoffen die ontstaan zijn ten gevolge van activiteiten die van dezelfde aard zijn als van deze van de normale werking van een particuliere huishouding, en die omwille van de aard, de samenstelling en de hoeveelheid vergelijkbaar zijn met huishoudelijke afvalstoffen. 

      Artikel 3

      Om ervoor te zorgen dat de retributies marktconform zijn zullen de retributies jaarlijks aangepast worden, rekening houdend met de recyclageparkindex.

      Om de totale recyclageparkindex (RI) samen te stellen worden de verschillende kostensoortindexen gewogen volgens het aandeel van de kostensoort (O,E en P) in de totale betrokken kosten (K) in jaar x.

      Dit geeft volgende formule:

      RI(x+1)=(Iox*Ox/Kx) + (Iex*Ex/Kx) + (Ipx*Px/Kx)

      RI wordt naar boven afgerond op vier decimalen.

      De drie kostensoorten volgen elk een eigen index:

      1. Ophaalkosten

      Iox = kost per opgehaalde ton jaar x / kost per opgehaalde ton jaar x-1

      2. Exploitatiekosten

      Iex= afgevlakte gezondheidsindex december jaar x / afgevlakte gezondheidsindex december jaar x-1

      3. Personeelskosten

      Personeelskosten stijgen telkens de spilindex overschreden wordt

      Ipx = gemiddelde overschreden spilindex jaar x / gemiddelde overschreden spilindex jaar x-1

      De index RI(x+1) zal telkens toegepast worden vanaf 1.07 in jaar x+1, en dit voor de eerste maal vanaf 1.07.2027.

      De aangepaste retributies, na toepassing van de index RI(x+1), zullen worden afgerond op 3 decimalen. Indien het 4de decimaal 5 of hoger is, gebeurt er een afronding naar boven, indien 4 of lager is er een afronding naar beneden.

      Als het resultaat van de index in jaar x negatief is, dan wordt deze niet toegepast. In het jaar x+1 wordt de index van jaar x en het jaar x+1 toegepast, tenzij deze laatste negatief is.

      Artikel 4

      § 1. De gemeentelijke diensten en de diensten van andere lokale openbare instellingen (zoals het OCMW, de politie, de brandweer, de gemeentelijke IVA’s en EVA’s) gevestigd op het grondgebied van de gemeente Aartselaar worden vrijgesteld van de retributie. 

      § 2. Erkende verenigingen die handelen in het algemeen en gemeentelijk belang waarvan de maatschappelijke zetel gevestigd is op het grondgebied van de gemeente Aartselaar en die een lokaal in eigendom of in beheer bezitten kunnen ook vrijgesteld worden van de retributie. Het college van burgemeester en schepenen oordeelt gemotiveerd over deze vrijstelling. 

      Artikel 5

      De betaling gebeurt ter plaatse aan de betaalterminal met betaalkaarten. Bedrijven en zelfstandigen krijgen regelmatig een voldane factuur voor de retributies die ze in de voorafgaande periode betaald hebben.

      Bij ontstentenis van betaling zal het verschuldigde bedrag aangerekend worden aan de referentiepersoon zoals gedefinieerd in art.2 §2. In afwachting van de betaling van het verschuldigde bedrag, kan de toegang tot het recyclagepark geweigerd worden aan alle personen die in het bevolkingsregister gekoppeld zijn met de referentiepersoon. 

      Artikel 6

      § 1. De toegelaten gebruikers die niet beschikken over een elektronische identiteitskaart dienen zich te registreren op het recyclagepark en verwerven maximaal twee toegangskaarten om het recyclagepark te betreden. Voor elke toegangskaart wordt een borg gevraagd van 8 euro. 

      § 2. De gemeentelijke diensten en de diensten van andere lokale openbare instellingen (zoals het OCMW, de politie, de brandweer, de gemeentelijke IVA’s en EVA’s) gevestigd op het grondgebied van de gemeente Aartselaar worden vrijgesteld van de retributie voor de toegangskaart.

      Artikel 7 Bezwaar

      De retributieplichtige of zijn vertegenwoordiger kan een bezwaar indienen tegen deze retributie bij het college van burgemeester en schepenen. Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van de betalingsuitnodiging of afrekening. Het college van burgemeester en schepenen, of een gemeentelijk personeelslid dat daartoe bijzonder door het college van burgemeester en schepenen is aangewezen, stuurt binnen vijftien kalenderdagen na de indiening van het bezwaarschrift een ontvangstmelding. 

      Artikel 8

      Bij niet-minnelijke regeling zal de inning bij burgerlijke rechtsvordering gebeuren. 

      Artikel 9

      Onderhavig reglement vervangt de vorige reglementen in deze, treedt in voege op 1.1.2026 en loopt t.e.m. 31.12.2031. 

      Artikel 10 Bekendmaking

      De bekendmaking van dit reglement gebeurt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

      Een afschrift van dit besluit wordt aan de toezichthoudende overheid bezorgd en aan IGEAN milieu & veiligheid, die instaat voor de verdere uitvoering hiervan gelet op de beheersoverdracht aan IGEAN milieu & veiligheid.

    • Retributiereglement voor de selectieve inzameling van huishoudelijk en vergelijkbaar bedrijfsafval aan huis en via brengmethode op korte afstand. Principiële goedkeuring.

      Artikelen 41, 162 en 170, §4, van de gecoördineerde Grondwet van 17 februari 1994.

      Het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 geeft de bevoegdheden van de gemeenteraad aan.

      Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.

      De omzendbrief KB/ABB 2019/2 van 15 februari 2019 betreffende de gemeentefiscaliteit.

      De algemene bestuurlijke politieverordening, meer bepaald de artikelen betreffende het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen.

      Het Materialendecreet van 23 december 2011 implementeert de Europese kaderrichtlijn (EG) 2008/98 voor het beheer van afvalstoffen in Vlaanderen. 

      • Artikel 26 van het Materialendecreet geeft aan de gemeenten de opdracht om huishoudelijke afvalstoffen zo veel mogelijk te voorkomen of te hergebruiken, op regelmatige tijdstippen op te halen of op een andere wijze in te zamelen.
      • Artikel 10 van het Materialendecreet bepaalt dat de gemeenten de kosten van het beheer van huishoudelijk afval moeten verhalen op de afvalproducenten. 

      Het Besluit van de Vlaamse Regering van 17 februari 2012 tot vaststelling van het Vlaams reglement betreffende het duurzaam beheer van materialenkringlopen en afvalstoffen, VLAREMA.

      • Artikel 5.1.1 van het VLAREMA bepaalt dat de gemeenten het principe “de vervuiler betaalt” toepassen bij de berekening van de bijdrage in de kosten die door de burger moeten worden betaald.
      • Bijlage 5.1.4 van het VLAREMA legt de minima en maxima tarieven vast voor de inzameling van een aantal afvalstoffen. Die tarieven worden jaarlijks op 1 januari aangepast op basis van de evolutie van de gezondheidsindex. 

      De gemeente Aartselaar is lid van IGEAN milieu & veiligheid en heeft beheersoverdracht aan IGEAN milieu & veiligheid gedaan.

      • Doel van de retributie

      Aan de inzameling en verwerking van huishoudelijke afvalstoffen en vergelijkbaar bedrijfsafval zijn kosten verbonden die zwaar doorwegen op de gemeentelijke financiën. Het is gerechtvaardigd een billijke financiële tussenkomst te vragen van alle belanghebbenden op het grondgebied van de gemeente omwille van de financiële toestand van de gemeente en de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht te handhaven.

      Om de scheiding aan de bron aan te moedigen is het niet aangewezen de inzameling- en verwerkings-kosten voor de selectieve afvalsoorten volledig in functie van het aanbod door te rekenen aan de aanbieders. Voor een goede sturing van de selectieve inzameling is een goede verhouding tussen de tarieven voor de verschillende fracties essentieel.

      Een jaarlijkse indexering van een aantal retributies is aangewezen om de algemene kostenstijging te volgen en de verhouding inkomsten/kosten in balans te houden.

      Door in de gemeenten van het samenwerkingsgebied van IGEAN een gelijkaardig systeem en dezelfde retributies toe te passen, worden de tarieven door de inwoners als eerlijker ervaren en kan afvaltoerisme vermeden worden.

      • Relevante voorgeschiedenis, feiten en context

      De gemeente zamelt volgende afvalstoffen in:

      • huisvuil, gft, pmd, papier & karton via huis-aan-huisinzameling en ondergrondse containers
      • glas via glasbollen die op verschillende plaatsen in de gemeente zijn opgesteld
      • grofvuil, herbruikbare goederen en snoeihout op afroep
      • textiel via huis-aan-huisinzameling, het recyclagepark en/of containers die op verschillende plaatsen in de gemeente zijn opgesteld
      • diverse fracties via het recyclagepark 

      De tarieven zijn vastgelegd in het retributiereglement zoals goedgekeurd door de gemeenteraad

      • voor huisvuil en gft op 12 oktober 2020;
      • voor pmd op 29 maart 2021;
      • voor keukenafvalzakjes op 15 september 2025;
      • voor grofvuil op 21 december 2020; 

      Voor volgende fracties wordt diftar met weging toegepast:

      • huisvuil sinds 12 oktober 2020
      • gft sinds 12 oktober 2020

      Diftar met weging, zoals eveneens toegepast wordt voor een aantal fracties op het recyclagepark, geeft op een correcte wijze uitvoering aan het principe ‘de vervuiler betaalt’ vermits het zwaartepunt van de retributie ligt op de aangeboden hoeveelheid afval. Via dit systeem wordt bovendien gestreefd naar een kleinere hoeveelheid ongesorteerd restafval. 

      Volgende fracties kunnen kosteloos meegegeven worden met de selectieve inzameling aan huis of via de permanent opgestelde containers:

      • glas (glazen flessen en bokalen)
      • papier & karton
      • textiel
      • herbruikbare goederen 

      IGEAN heeft een voorstel uitgewerkt in samenwerking met een projectgroep met afgevaardigden van 17 van de 27 gemeenten. Het voorstel werd toegelicht en besproken op het adviescomité milieu op 16.06.2025 en goedgekeurd door de raad van bestuur van IGEAN op 10.09.2025.

      Artikel 1. Definities

      Met ingang van 1 januari 2026 en voor een periode eindigend op 31 december 2031 wordt een retributie geheven op de inzameling van huishoudelijk afval en gelijkaardig bedrijfsafval.

      Voor de toepassing van deze retributies wordt verstaan onder:

      • diftar: “toepassing van gedifferentieerde tarieven zodat er betaald wordt in functie van het type en de hoeveelheid afval die wordt meegegeven.”
      • servicekost: “de maandelijkse servicekost zorgt ervoor dat elk aansluitpunt, dat afval kan aanbieden via (ondergrondse) containers, bijdraagt in een deel van de vaste kosten van de dienstverlening."
      • referentiepersoon: de persoon in het bevolkingsregister die het huishouden vertegenwoordigt bij contacten met de overheid.”
      • aansluitpunt: “iedere entiteit (gebouw, constructie, appartement, woongelegenheid, infrastructuur, domein, openbaar gebouw en andere) op het grondgebied van de gemeente die geregistreerd is en als afvalproducent potentieel gebruik maakt van de (inter)gemeentelijke dienstverlening inzake het inzamelen van afvalfracties.”
      • inhuizing: “registratie van een referentiepersoon op een adres in de gemeente.”
      • eID: “de elektronische identiteitskaart is een fysieke kaart met een ingebouwde chip die de identiteit van de houder elektronisch kan verifiëren.”
      • container: “het aan een aansluitpunt ter beschikking gestelde recipiënt voor de inzameling van afvalstoffen. De container is voorzien van een chip waardoor de identiteit van de aanbieder en het aantal aanbiedingen alsook de aangeboden hoeveelheid afval via een geautomatiseerd systeem kunnen worden geregistreerd. ”
      • evenementencontainer: “de aan een inrichter van een evenement tijdelijk ter beschikking gestelde container voor het inzamelen van afval dat op het evenement ontstaat.”
      • ondergrondse container: “het permanent voorziene ondergrondse brengsysteem dat door één of meerdere aansluitpunten verplicht of aanvullend wordt gebruikt voor de inzameling van afvalstoffen.”
      • pop-up container: “het tijdelijk voorziene bovengrondse brengsysteem dat door meerdere aansluitpunten verplicht of aanvullend wordt gebruikt voor de inzameling van afvalstoffen als de huis-aan-huisinzameling tijdelijk niet plaats kan vinden.”
      • toegangskaart: “de digitale kaart met onbepaalde geldigheidsduur die ter beschikking wordt gesteld van een aansluitpunt en die de houder van de kaart toegang verleent tot een ondergrondse container of pop-up container.”
      • fractie: “specifiek type afval dat selectief ingezameld wordt bv. papier & karton”.

       

      Artikel 2. Inning      

      § 1. Zakken

      Diegenen die gebruik maken van de door de gemeente voorgeschreven zakken voor de inzameling aan huis zijn de in artikel 3 vermelde retributies verschuldigd op het ogenblik van de aankoop op de door de gemeente vastgestelde plaats(en).

       

      § 2. Grofvuil en snoeihout op afroep

      Diegenen die gebruik maken van de ophaling van grofvuil en snoeihout zijn de vaste kost verschuldigd van zodra de ophaalwagen langs het gevraagde adres is geweest. Ongeacht of er op dat moment al dan niet afval werd aangeboden, zal steeds de vaste kost aangerekend worden. De bijkomende retributie op basis van het gewicht, wordt aangerekend op basis van de weging van het afval ter plaatse.

      De retributie wordt in mindering gebracht van het voorschot voor de diftarinzameling.

       

      § 3. Inzameling met diftar aan huis, via ondergrondse of bovengrondse containers of via pop-up containers

      De retributie voor de diftarinzameling aan huis of via ondergrondse containers is hoofdelijk verschuldigd door volgende personen of instanties die deel uitmaken van een aansluitpunt:

      -     de referentiepersoon van elk gezin als zodanig ingeschreven in het bevolkingsregister of in het vreemdelingenregister,

      -     de referentiepersoon van elk gezin die op het grondgebied van de gemeente om het even welke woning of woongelegenheid in gebruik heeft, hetzij tijdelijk, hetzij als tweede verblijf of zich het gebruik ervan voorbehoudt zonder nochtans ingeschreven te zijn in het bevolkingsregister of in het vreemdelingenregister en die beroep doet op de dienstverlening,

      -     iedere natuurlijke persoon of rechtspersoon die als hoofd- en of bijkomende activiteit op het grondgebied van de gemeente een commerciële, industriële, landbouw- of dienstverlenende activiteit uitoefent en die beroep doet op de dienstverlening,

      -     verenigingen, gemeenschapshuizen, openbare en semi-openbare instellingen, enz. die beroep doen op de dienstverlening.

       

      De retributie wordt in mindering gebracht van het voorschot voor de inzameling met diftar.

       

      De aanrekening van de servicekost gebeurt maandelijks op de eerste dag van de maand voor de aansluitpunten met individuele containers. De huisvuilcontainer is verplicht voor elk huishouden, ongeacht of er ook effectief afval wordt aangeboden.

       

      Bij een wisseling van volume van individuele containers in de loop van de maand, zal het maandelijkse bedrag voor het initiële volume aangerekend worden tot het einde van die maand. De volgende maand zal het maandbedrag van het nieuwe volume aangerekend worden.

       

      De aanrekening van de servicekost gebeurt maandelijks op de eerste dag van de maand voor de aansluitpunten die verplicht gebruik maken van ondergrondse containers, ongeacht of er ook effectief afval wordt aangeboden.

       

      Diegenen die extra afval aanbieden via de ondergrondse containers, zijn de in artikel 5 vermelde retributies verschuldigd die in mindering worden gebracht van het voorschot.

       

      Diegenen die gebruik maken van de pop-up containers zijn de in artikel 6 vermelde retributies verschuldigd die in mindering worden gebracht van het voorschot.

       

      De retributies in artikel 7 zijn per evenement verschuldigd door iedere natuurlijke of rechtspersoon die een evenement organiseert waarvoor, op diens vraag, tijdelijk één of meerdere containers ter beschikking worden gesteld.

       

      Artikel 3. Inzameling met zakken

      Volgende retributie is verschuldigd op het ogenblik van de aankoop van de zakken voor de afvalinzameling op de door de gemeente vastgestelde plaats(en):

      a)    pmd-zakken

      pmd-zak 30 liter

      € 0,10/zak

      pmd-zak 60 liter

      € 0,15/zak

       

      b)    papieren keukenafvalzakjes

      bundel van 80 keukenafval-zakjes van 8 liter

       € 6/bundel (80 stuks)

      De zakjes zijn enkel verkrijgbaar in voorverpakte hoeveelheden van meerdere stuks per eenheid.

       

      Artikel 4. Huis-aan-huisinzameling met diftar

      § 1. Parameters

      De retributie voor huisvuil en gft omvat drie parameters:

      1. maandelijkse servicekost voor de container en toegangskaart: de servicekost zorgt ervoor dat elk aansluitpunt met één of meerdere containers met chip en/of een toegangskaart, bijdraagt in een deel van de vaste kosten van de dienstverlening.

      2. ledigingskost per aanbieding: de ledigingskost zorgt ervoor dat de inwoners de container niet elke keer aanbieden als er nauwelijks afval in zit, maar toch regelmatig genoeg om de kwaliteit van het afval te waarborgen en geurhinder te voorkomen.

      3. verwerkingskost per kg: de verwerkingskost per kg huisvuil en per kg gft zorgt ervoor dat de inwoners op een bewuste manier omgaan met hun afval.

       

      § 2. Werkwijze voorschotten

      De retributies worden geïnd via een systeem van voorschotten, waarbij zowel de servicekosten als de retributies voor de geleverde diensten worden afgehouden. In opdracht van de gemeente wordt hiervoor een uitnodiging tot betaling verstuurd. De voorschotten dienen te worden overgeschreven op een gemeentelijke rekening.

       

      Een voorschotbedrag wordt gevraagd via de eerste betalingsuitnodiging. Als een aansluitpunt meerdere containers heeft, worden de bedragen opgeteld. Zodra het reële verbruik van het aansluitpunt gekend is, wordt gewerkt volgens het principe van de slimme factuur en zijn de voorschotbedragen niet meer van toepassing.

      De hoogte van het drempelbedrag bepaalt wanneer een nieuwe betalingsuitnodiging wordt verstuurd aan het aansluitpunt.

       

      Wanneer het voorschot onder het minimumbedrag daalt, wordt de dienstverlening opgeschort tot er opnieuw een voldoende voorschot is. De maandelijkse servicekost blijft evenwel steeds doorlopen.

       

      § 3. Terugbetaling

      Bij een verhuis buiten de gemeente, het overlijden van een alleenwonende of het beëindigen van de dienstverlening op vraag van een niet-ingeschreven referentiepersoon, ontvangt het aansluitpunt een eindafrekening en wordt het nog beschikbare saldo van het voorschot terugbetaald op het laatst gekende rekeningnummer.

      De container(s) en/of toegangskaart worden geblokkeerd voor verder gebruik.

       

      § 4. De voorschot-, drempel- en minimumbedragen

      Volgende voorschot-, drempel- en minimumbedragen worden vastgelegd per volume container voor de huis-aan-huisinzameling en verwerking van afvalstoffen via het diftarsysteem:

       

      huisvuil

      40 l

      120 l

      240 l

      1.100 l

      voorschotbedrag (€)

      30

      50

      80

      350

      drempelbedrag (€)

      6

      8

      12

      80

      minimumbedrag (€)

      1,5

      3

      5

      25

       

      gft

      40 l

      120 l

      voorschotbedrag (€)

      20

      20

      drempelbedrag (€)

      6

      8

      minimumbedrag (€)

      1,5

      3

       

      § 5. Retributies per parameter

      Volgende retributies worden vastgelegd voor de huis-aan-huisinzameling en verwerking van afvalstoffen via het diftarsysteem:

       

      40 l

      120 l

      240 l

      1.100 l

      servicekost huisvuilcontainer (€/maand)

      0,30

      1,00

      2,00

      9,00

      servicekost gft-container (€/maand)

      0,15

      0,50

       

      4,50 

       

       

      40 l

      120 l

      240 l

      1.100 l

      lediging huisvuilcontainer (€/lediging)

      0,20

      0,60

      1,20

      5,00

      lediging gft-container (€/lediging)

      0,20

      0,60

       

      5,00

       

       

      alle volumes

      verwerking huisvuil (€/kg)

      0,35

      verwerking gft (€/kg)

      0,15

       

      § 6. Tarief plaatsen of wisselen container

      De retributie voor het plaatsen of wisselen van volume bedraagt 15 euro. De plaatsing of wisseling is gratis voor een nieuw aansluitpunt tot 30 kalenderdagen na de inhuizing.

       

      § 7. Tarief plaatsen wieltjes

      De retributie voor het leveren en plaatsen van een set van 2 wieltjes op een container van 40 l bedraagt:

      leveren en plaatsen 2 wieltjes op 40 l

       €   10

       

      § 8. Tarief plaatsen slot

      De retributie voor het leveren en plaatsen van een slot bedraagt:

      leveren en plaatsen slot 40 - 240 l

       € 25

      leveren en plaatsen slot 1.000-1.100 l

       € 33

       

      Artikel 5. Extra huisvuil aanbieden via een ondergrondse container

      § 1. Gebruik van de ondergrondse container voor extra huisvuil

      De gebruikers bepalen zelf wanneer zij, tijdens de toegelaten uren, het huisvuil in de ondergrondse huisvuilcontainer deponeren.

       

      De inwoners maken hiervoor gebruik van hun elektronische identiteitskaart of van een toegangskaart.

       

      De vulopening van de ondergrondse container is beperkt tot 40 liter voor huisvuil. Per aanbieding kan slechts éénmaal gebruik gemaakt worden van voormeld volume.

       

      De toegangskaarten worden bezorgd via de firma die door IGEAN werd aangeduid voor de nazorg van het diftarproject.

       

      Als het voorschot onder het minimumbedrag daalt zoals vermeld in artikel 4, § 4., zal er geen toegang meer verkregen kunnen worden tot de ondergrondse huisvuilcontainers totdat er opnieuw een voldoende voorschot betaald werd.

       

      § 2. De voorschot-, drempel- en minimumbedragen

      De voorschot-, drempel- en minimumbedragen zoals vermeld in artikel 4.§ 4. zijn van toepassing.

       

      § 3. Retributies

      De retributie voor het aanbieden van maximum 40 l huisvuil via de hiervoor voorziene ondergrondse huisvuilcontainer bedraagt:

      extra huisvuil max. 40 l

      € 2

       

      De eerste toegangskaart is gratis. Voor de vervanging van een toegangskaart wordt volgende retributie aangerekend:

      vervanging toegangskaart

       € 10

       

      Artikel 6. Ondergrondse containers met diftar en pop-up containers

      § 1. Gebruik van de ondergrondse containers

      Het gebruik van ondergrondse containers voor huisvuil, gft, pmd en/of papier & karton, is verplicht voor de bewoners van de door de gemeente aangeduide adressen. De inwoners van deze vastgelegde adressen kunnen de aangeduide fracties niet aanbieden via de huis-aan-huisinzameling.

       

      De inwoners bepalen zelf wanneer zij, tijdens de toegelaten uren, het afval in de ondergrondse container deponeren.

       

      De inwoners maken hiervoor gebruik van hun eID of een toegangskaart. De toegangskaarten worden bezorgd via de firma die door IGEAN werd aangeduid voor de nazorg van het diftarproject.

       

      De maandelijkse servicekost zorgt ervoor dat elk aansluitpunt, dat afval kan aanbieden via de ondergrondse containers, bijdraagt in een deel van de vaste kosten van de dienstverlening.

      Als het voorschot onder het minimumbedrag daalt zoals vermeld in artikel 6, § 3., zal er geen toegang meer verkregen kunnen worden tot de ondergrondse containers totdat er opnieuw een voldoende voorschot betaald werd.

       

      § 2. Gebruik van de pop-up containers

      Omwille van wegenwerken of andere omstandigheden kan het gebeuren dat de huis-aan-huisophaling van bepaalde fracties in bepaalde (delen van) straten tijdelijk niet kan plaatsvinden. De inzameling aan huis van bepaalde afvalstoffen wordt dan tijdelijk vervangen door een brengmethode naar een pop-up container.

       

      Het gebruik van de pop-up container is verplicht voor de bewoners van door de gemeente aangeduide adressen.

       

      De inwoners bepalen zelf wanneer zij, tijdens de toegelaten uren, het afval in de pop-up container deponeren.

       

      De aanbieders maken hiervoor gebruik van hun elektronische identiteitskaart of vragen één toegangskaart per aansluitpunt aan.

       

      De vulopening van de pop-up container is beperkt. Per aanbieding kan slechts éénmaal gebruik gemaakt worden van het vermelde volume.

       

      Als het voorschot onder het minimum bedrag daalt zoals vermeld in artikel 4, § 4., zal er geen toegang meer verkregen kunnen worden tot de pop-up container totdat er opnieuw voldoende voorschot betaald werd.

       

      § 3. De voorschot-, drempel- en minimumbedragen

      De voorschot-, drempel- en minimumbedragen zoals vermeld in artikel 4.§ 4. zijn van toepassing voor de aansluitpunten die beschikken over één of meerdere individuele containers.

       

      Voor de aansluitpunten die verplicht gebruik maken van de ondergrondse containers, gelden volgende bedragen:

      voorschotbedrag

      € 50,00

      drempelbedrag

      € 12,00

      minimumbedrag

      € 3,00

       

      § 4. Retributies

      Volgende retributies gelden per fractie en volgens en het maximum volume dat per keer aangeboden kan worden via de ondergrondse of pop-up containers en worden afgehouden van het voorschot:

      huisvuil per aanbieding van max. 40 l

      € 1,70

      gft per aanbieding van max. 30 l

      € 0,70

      pmd per aanbieding van max. 40 l

      € 0,10

      papier & karton

      € 0,00

      glas

      € 0,00

       

      De servicekost wordt maandelijks op de eerste dag van de maand van het voorschot gehouden van de aansluitpunten die verplicht gebruik maken van de ondergrondse containers, ongeachte het aantal effectieve aanbiedingen.

      servicekost per maand voor het gebruik van ondergrondse container(s)

      € 0,30

       

      De eerste toegangskaart is gratis. Voor de vervanging van een toegangskaart wordt volgende retributie aangerekend:

      vervanging toegangskaart

       € 10

       

       

      § 5. Wijze van inning

      De retributie is hoofdelijk verschuldigd door de personen of instanties die deel uitmaken van een aansluitpunt zoals vermeld in artikel 2 § 3 en afval aanbieden via de pop-up container(s) en voor aansluitpunten die verplicht gebruik maken van de ondergrondse containers.

       

      De retributies zullen geïnd worden met een voorschottensysteem zoals beschreven in artikel 4 § 2 en § 4 waarbij de retributies voor de dienstverlening afgehouden worden.

       

      Als het voorschot onder het minimum bedrag daalt, zal geen toegang meer verkregen kunnen worden tot de ondergrondse en pop-up containers totdat er opnieuw een voldoende voorschot betaald werd.

       

      Artikel 7. Containers voor evenementen binnen het diftarproject

      Voor evenementen kunnen tijdelijk containers aangevraagd worden, maximaal gedurende 1 maand. De containers worden op de gevraagde datum door de gemeentelijke diensten geplaatst en na lediging terug opgehaald.

      Voor deze dienstverlening wordt een vast bedrag per container aangerekend:

       

      120 l

      240 l

      1.100 l

      forfaitair bedrag per container

      € 10

      € 10

      € 20

       

      De lediging met weging gebeurt tijdens de ophaalronde van de huis-aan-huisinzameling. De ledigingskost (per ophaling) en verwerkingskost (per kg) zijn zoals vastgelegd in artikel 4.§ 5. zijn. Na de huurperiode wordt er een factuur opgemaakt aan de organisator van het evenement.

       

      Artikel 8. Ophaling van grofvuil op afroep

      Als het grofvuil omwille van omvang of gewicht niet zelf naar het recyclagepark kan worden gebracht en niet past in het standaard recipiënt voor de inzameling van huisvuil, dan kan het meegegeven worden via de inzameling aan huis op afroep. De aanbieder maakt hiervoor vooraf een afspraak. Per ophaaladres kan maximum 3 m³ grofvuil worden aangeboden.

       

      Het grofvuil wordt ter plaatse gewogen met uitzondering van de afvalfracties die onder een UPV (Uitgebreide Producenten Verantwoordelijkheid) vallen.

      De retributie bestaat uit een vaste kost per ophaaladres + aantal kg x tarief per kg grofvuil:

      vaste kost per ophaaladres

      € 40

      per kg grofvuil

      € 0,35

       

      Artikel 9. Ophaling van snoeiafval op afroep

      Als het snoeihout omwille van omvang of gewicht niet zelf naar het recyclagepark kan worden gebracht, dan kan het samengebonden in hanteerbare bundels meegegeven worden via de inzameling aan huis op afroep. De takken hebben een diameter van maximum 10 cm. De bundels zijn maximum 1,5 m lang en hebben een maximale diameter van 50 cm. De aanbieder maakt hiervoor vooraf een afspraak. Per ophaaladres kan maximum 3 m³ snoeihout worden aangeboden.

      Voor het snoeihout wordt een vaste retributie aangerekend als volgt:

      vaste kost per ophaaladres

      € 45

       

      Artikel 10. Indexering

      § 1. Afgevlakte gezondheidsindex

      De retributies vermeld in artikel 4 § 5, artikel 5 § 3 en artikel 6 § 4, met uitzondering van het tarief voor vervanging van een toegangskaart en het aanbieden van pmd via ondergrondse containers, worden jaarlijks op 1 januari aangepast op basis van de evolutie van de afgevlakte gezondheidsindex en wel als volgt: elk bedrag wordt vermenigvuldigd met een factor met in de teller de afgevlakte gezondheidsindex die van toepassing was op 1 november van het jaar dat voorafgaat aan het jaar waarin het bedrag wordt gewijzigd, en met in de noemer de afgevlakte gezondheidsindex die van toepassing was op 1 november van het jaar dat voorafgaat aan de vaststelling van het vigerende bedrag. Het zo verkregen getal wordt naar boven afgerond op vier decimalen.

      De totale retributie zal bij elke afrekening afgerond worden op 2 decimalen.

      Als het resultaat van de index in jaar x negatief is, dan wordt deze niet toegepast. In het jaar x+1 wordt de index van jaar x en het jaar x+1 toegepast, tenzij deze negatief is.

       

      § 2. Recyclageparkindex voor grofvuil

      Voor het grofvuil dat aan huis op afroep wordt opgehaald zoals bepaald in artikel 8, gebeurt een jaarlijkse aanpassing van het variabel tarief per kg volgens de recyclageparkindex.

       

      Om de totale recyclageparkindex (RI) samen te stellen worden de verschillende kostensoortindexen gewogen volgens het aandeel van de kostensoort (O,E en P) in de totale betrokken kosten (K) in jaar x.

      Dit geeft volgende formule:

      RI(x+1)=(Iox*Ox/Kx) + (Iex*Ex/Kx) + (Ipx*Px/Kx)

      RI wordt naar boven afgerond op vier decimalen.

       

      De drie kostensoorten volgen elk een eigen index:

      1. Ophaalkosten

      Iox = kost per opgehaalde ton jaar x / kost per opgehaalde ton jaar x-1

      2. Exploitatiekosten

      Iex= afgevlakte gezondheidsindex december jaar x / afgevlakte gezondheidsindex december jaar x-1

      3. Personeelskosten

      Personeelskosten stijgen telkens de spilindex overschreden wordt

      Ipx = gemiddelde overschreden spilindex jaar x / gemiddelde overschreden spilindex jaar x-1

       

      De index RI(x+1) zal telkens toegepast worden vanaf 1.07 in jaar x+1, en dit voor de eerste maal vanaf 1.07.2027.

      De aangepaste retributies, na toepassing van de index RI(x+1), zullen worden afgerond op 3 decimalen. Indien het 4de decimaal 5 of hoger is, gebeurt er een afronding naar boven, indien 4 of lager is er een afronding naar beneden.

       

      Als het resultaat van de index in jaar x negatief is, dan wordt deze niet toegepast. In het jaar x +

      1 wordt de index van jaar x en het jaar x+1 toegepast, tenzij deze negatief is.

       

      Artikel 11. Bezwaar

      De retributieplichtige of zijn vertegenwoordiger kan een bezwaar indienen tegen deze retributie bij het college van burgemeester en schepenen. Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van de betalingsuitnodiging of afrekening. Het college van burgemeester en schepenen, of een gemeentelijk personeelslid dat daartoe bijzonder door het college van burgemeester en schepenen is aangewezen, stuurt binnen vijftien kalenderdagen na indiening van het bezwaarschrift een ontvangstmelding.

       

      Artikel 12.

      Bij niet-minnelijke regeling zal de inning bij burgerlijke rechtsvordering gebeuren.

       

      Artikel 13.

      Onderhavig reglement vervangt de vorige reglementen ten deze, treedt in voege op 1 januari 2026 en loopt t.e.m. 31.12.2031.

       

      Artikel 14. Bekendmaking

      De bekendmaking van dit reglement gebeurt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

      Een afschrift van dit besluit wordt aan de toezichthoudende overheid bezorgd en aan IGEAN milieu & veiligheid, die instaat voor de verdere uitvoering hiervan gelet op de beheersoverdracht aan IGEAN milieu & veiligheid.

       

    • Retributiereglement voor de verkoop van recipiënten. Principiële goedkeuring.

      Artikelen 41, 162 en 170, §4, van de gecoördineerde Grondwet van 17 februari 1994.

      Het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 geeft de bevoegdheden van de gemeenteraad aan.

      Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.

      De omzendbrief KB/ABB 2019/2 van 15 februari 2019 betreffende de gemeentefiscaliteit.

      De algemene bestuurlijke politieverordening, meer bepaald de artikelen betreffende het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen.

      Het Materialendecreet van 23 december 2011 implementeert de Europese kaderrichtlijn (EG) 2008/98 voor het beheer van afvalstoffen in Vlaanderen. 

      Artikel 26 van het Materialendecreet geeft aan de gemeenten de opdracht om huishoudelijke afvalstoffen zo veel mogelijk te voorkomen of te hergebruiken, op regelmatige tijdstippen op te halen of op een andere wijze in te zamelen.

       

      Het Lokaal Materialenplan 2023 - 2030 stelt het beleid in Vlaanderen vast rond de selectieve inzameling en verwerking van huishoudelijk afval en gelijkaardig bedrijfsafval.

      Relevante voorgeschiedenis, feiten en context

      Er wordt gestreefd om de biologische kringloop zoveel mogelijk thuis te sluiten. Om het thuiscomposteren te stimuleren, kunnen compostvaten en -bakken aangekocht worden op het recyclagepark. 

      Het selectief ingezamelde groenafval en het gft worden gecomposteerd. Het eindproduct IGEAN-compost is een echte bodemverbeteraar en is in zakken beschikbaar op de recyclageparken. Tevens wordt ook gebruiksklare potgrond aangeboden, die IGEAN-compost bevat. Het gebruik wordt aangemoedigd omdat deze lokaal geproduceerde compost zorgt voor een kleinere ecologische voetafdruk dankzij de vastlegging van CO2

      Via de recyclageparken kunnen inwoners een regenwaterton aankopen aan een voordelig tarief zodat ze kostbaar hemelwater kunnen opvangen. Deze tonnen zorgen voor een waterbuffer in droge periodes.

      Om hechtgebonden asbest af te leveren op het recyclagepark is het verplicht dit afval te verpakken zoals bepaald in de omzendbrief OMG 2020/O 2020/1. Hiervoor moet gebruik gemaakt worden van speciale zakken of folie die op het recyclagepark aangekocht kunnen worden. Het gaat om buisfolie voor asbestplaten of een minibag voor andere vormen van asbestgebonden cement. Bezoekers van het recyclagepark kunnen hechtgeboden asbest uitsluitend aanbieden via deze buisfolie of minibags.  

      Gelet op de kostprijs voor de gemeente, is het gerechtvaardigd een billijke financiële tussenkomst te vragen van alle belanghebbenden op het grondgebied van de gemeente omwille van de financiële toestand van de gemeente en de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht te handhaven. 

      Het is aangewezen om uniforme retributies toe te passen in de hele IGEAN-regio voor de verkoop van de recipiënten. 

      Dit voorstel werd goedgekeurd door de raad van bestuur van IGEAN milieu & veiligheid op 10.09.2025.

       

      Artikel 1. 

      Met ingang van 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 wordt de retributie op de verkoop van diverse recipiënten vastgesteld als volgt:

       

      compostvat incl. beluchtingstok

      € 50

      beluchtingsstok

      € 5

      compostbak

      € 140

      aanbouwmodule compostbak

      € 95

      regenwaterton 310 liter

      € 70

      regenwaterton 510 liter

      € 110

      buisfolie voor asbestplaten

      € 1

      minibag van 150 liter voor asbestcementafval

      € 1

      zak compost 40 liter

      € 5

      zak potgrond 50 liter

      € 8

       

      Artikel 2.

      § 1. Het bedrag van de retributies vermeld in artikel 1 is verschuldigd door eenieder die gebruik wenst te maken van het recipiënt en bij de aflevering ervan.

      § 2. Een gezin bestaat uit alle personen die in het bevolkingsregister aan elkaar gekoppeld zijn via de referentiepersoon. De referentiepersoon van een gezin is de persoon in het bevolkingsregister die het huishouden vertegenwoordigt bij contacten met de overheid.

       

      Artikel 3.

      De retributieplichtige of zijn vertegenwoordiger kan een bezwaar indienen tegen deze retributie bij het college van burgemeester en schepenen. Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van de betalingsuitnodiging of afrekening. Het college van burgemeester en schepenen, of een gemeentelijk personeelslid dat daartoe bijzonder door het college van burgemeester en schepenen is aangewezen, stuurt binnen vijftien kalenderdagen na indiening van het bezwaarschrift een ontvangstmelding.

       

      Artikel 4.

      § 1. De gemeentelijke diensten en de diensten van andere lokale openbare instellingen (zoals het OCMW, de politie, de brandweer, de gemeentelijke IVA’s en EVA’s) gevestigd op het grondgebied van de gemeente Aartselaar worden vrijgesteld van de retributie.

       

      § 2. Erkende verenigingen die handelen in het algemeen en gemeentelijk belang waarvan de maatschappelijke zetel gevestigd is op het grondgebied van de gemeente Aartselaar en die een lokaal in eigendom of in beheer bezitten kunnen ook vrijgesteld worden van de retributie. Het college van burgemeester en schepenen oordeelt gemotiveerd over deze vrijstelling.

       

      Artikel 5.

      De betaling gebeurt ter plaatse aan de betaalterminal met betaalkaarten. Bij ontstentenis van betaling zal het verschuldigde bedrag aangerekend worden aan de referentie-persoon zoals gedefinieerd in art.2 §2. In afwachting van de betaling van het verschuldigde bedrag kan de toegang tot het recyclagepark geweigerd worden aan alle personen die in het bevolkingsregister gekoppeld zijn met de referentiepersoon.

       

      Artikel 6.

      Bij niet-minnelijke regeling zal de inning bij burgerlijke rechtsvordering gebeuren.

       

      Artikel 7.

      Onderhavig reglement vervangt de vorige reglementen ten deze, treedt in voege op 1 januari 2026 en loopt t.e.m. 31.12.2031.

       

      Artikel 8. Bekendmaking

      De bekendmaking van dit reglement gebeurt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

      Een afschrift van dit besluit wordt aan de toezichthoudende overheid bezorgd en aan IGEAN milieu & veiligheid.

       

    • Samenstelling van het bestuursorgaan van de basketbalhal “De Twee Ringen” 2025-2031. Wijziging. Goedkeuring.

      Het decreet van 28.01.1974 betreffende het cultuurpact.

      Zijn besluit van 27.03.1997, zoals laatst gewijzigd, houdende de goedkeuring van het ontwerp van overeenkomst tussen Aartselaar B.B.C. en de gemeente Aartselaar betreffende de regeling van het gebruik van de sporthal "De Twee Ringen", gelegen te Aartselaar, achter het eigendom Laar 5.

      In deze overeenkomst wordt voorzien in een bestuursorgaan, dat paritair is samengesteld.

      Het bestuursorgaan dient om paritair samengesteld te zijn te bestaan uit 22 leden. Er is een nieuwe aanvulling vanuit de afgevaardigden van Aartselaar B.B.C.

      Artikel 1

      De samenstelling van het bestuursorgaan van de basketbalhal "De Twee Ringen" vast te leggen.

      Het bestuursorgaan van "De Twee Ringen" is samengesteld uit:

      11 afgevaardigden van de politieke strekkingen in de gemeenteraad;

      11 afgevaardigden van Aartselaar B.B.C.;

      1 secretaris: het diensthoofd recreatieve dienstverlening.

      Artikel 2

      In toepassing van artikel 1 worden als leden van het bestuursorgaan van de basketbalhal "De Twee Ringen" aangesteld:

      namens de gemeenteraad:

      • Bart Lambrecht (N-VA)
      • Kris Vandromme (N-VA)
      • Yves Hulin (N-VA)
      • Bart De Hertogh (N-VA)
      • Werner Jorens (N-VA)
      • Isabelle de Beukelaar (N-VA)
      • Steven Laurent (ieder1 Aartselaar)
      • Guy Francus (Lokaal Liberaal)
      • Ive De Saeger (Groen)
      • Rudy Siebens (Samen NAP)
      • Rita Ceulemans (Vlaams Belang)

      namens Aartselaar BBC:

      •  Bart Kox
      •  Lisa Hendrickx
      •  Nico De Beukelaer
      •  Bart Van Herbruggen
      •  Dirk Delmot
      •  Jan Hellinx
      •  Björn Van Cauwenbergh
      •  Elke Verbruggen
      •  Steve Maes
      •  Ann Van Den Bulck
      •  Kris De Beuckelaar 

      de secretaris (niet-stemgerechtigd lid): Pascal Declerck, diensthoofd recreatieve dienstverlening.

      Artikel 3

      Een afschrift van deze beslissing aan het diensthoofd recreatieve dienstverlening en aan het bestuur van Aartselaar B.B.C. te bezorgen.

       

       

    • Kennisname en goedkeuring van de agenda en vaststelling van het mandaat van de vertegenwoordiger van de gemeente op de buitengewone algemene vergadering van Creat d.d. 16 december 2025 .

      Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en in het bijzonder op artikel 40 inzake de bevoegdheid van de gemeenteraad, en latere wijzigingen.

      Het decreet van 6 juli 2001 houdende de intergemeentelijke samenwerking (hierna kortweg “DIS”).

      De laatst gecoördineerde statuten van Creat.

      Het feit dat de gemeente aangesloten is bij Creat.

      Het gemeenteraadsbesluit inzake de aanduiding van de vertegenwoordiger van de gemeente voor alle (buitengewone) algemene vergaderingen van Creat gedurende deze legislatuur.

      De oproepingsbrief van 13 oktober 2025 tot de buitengewone algemene vergadering van Creat d.d. 16 december 2025 om 14.30u te Flanders Expo, Maaltekouter 1, 9051 Gent met de volgende agendapunten:

      1. Wijziging van vermogen

      2. Actualisering van bijlagen 1 en 2 aan de statuten ingevolge wijziging van vermogen

      3. Evaluatieverslag met betrekking tot de werking van de dienstverlenende vereniging, het ondernemingsplan 2025-2030, de te ontwikkelen activiteiten en de te volgen strategie 2026 (overeenkomstig art. 432 en 459 Decreet over het Lokaal Bestuur)

      4. Begroting 2026 (overeenkomstig artikel 432 Decreet over het Lokaal Bestuur)

      5. Statutaire benoemingen

      Varia

       

      De gemeenteraad neemt kennis van de dagorde van deze vergadering en stelt het stemgedrag van de gemeentelijke vertegenwoordiger vast, conform de bepalingen van het decreet Lokaal Bestuur.

      De gemeenteraad heeft de bijhorende documenten met betrekking tot de vermelde agendapunten onderzocht.

      Er zijn geen redenen om de goedkeuring van de voorgelegde agendapunten te weigeren.

      Artikel 1     

      Goedkeuring te verlenen aan de agendapunten van de buitengewone algemene vergadering van Creat d.d. 16 december 2025 :

      1. Wijziging van vermogen

      2. Actualisering van bijlagen 1 en 2 aan de statuten ingevolge wijziging van vermogen

      3. Evaluatieverslag met betrekking tot de werking van de dienstverlenende vereniging, het ondernemingsplan 2025-2030, de te ontwikkelen activiteiten en de te volgen strategie 2026 (overeenkomstig art. 432 en 459 Decreet over het Lokaal Bestuur)

      4. Begroting 2026 (overeenkomstig artikel 432 Decreet over het Lokaal Bestuur)

      5. Statutaire benoemingen

      Varia

       

      Artikel 2      

      De gemeentelijke vertegenwoordiger wordt gemandateerd om op de buitengewone algemene vergadering van Creat d.d. 16 december 2025 (of iedere andere datum waarop deze uitgesteld of verdaagd zou worden) te handelen en te beslissen conform dit besluit.

       

      Artikel 3      

      Het college van burgemeester en schepenen wordt gelast met de uitvoering van dit besluit en in het bijzonder met het in kennis stellen daarvan aan Creat.

    • Buitengewone algemene vergadering Fluvius OV d.d. 26.11.2025. Goedkeuring van de agenda en vaststelling van het mandaat van de vertegenwoordiger.

      Artikel 432, alinea 3 van het decreet over het lokaal bestuur; waarbij bepaald wordt dat de vaststelling van het mandaat van de vertegenwoordiger dient te worden herhaald voor elke algemene vergadering.

      De gemeente is aangesloten bij Fluvius Opdrachthoudende Vereniging.

      De gemeente  werd per aangetekend schrijven van 1 september 2025 opgeroepen om op digitale wijze deel te nemen aan de Buitengewone Algemene Vergadering van Fluvius Opdrachthoudende Vereniging op 26 november 2025.

      Een dossier met documentatiestukken werd aan de gemeente per brief van 1 september 2025 overgemaakt.

      Er zijn geen redenen voor handen om de voorgestelde agendapunten en in te nemen standpunten niet goed te keuren.

      Artikel 1

      Zijn goedkeuring te hechten aan de agenda van de Buitengewone Algemene Vergadering van Fluvius Opdrachthoudende Vereniging d.d. 26 november 2025 met als agendapunten:

      1. Bespreking in het kader van artikel 432 van het decreet lokaal bestuur van de te ontwikkelen activiteiten en de te volgen strategie voor het boekjaar 2026 alsook van het door de raad van bestuur opgestelde budget 2026.
      2. Statutaire benoemingen.
      3. Statutaire mededelingen.

       

      Artikel 2

      De vertegenwoordiger van de gemeente/stad die zal deelnemen aan de digitale Buitengewone Algemene Vergadering van Fluvius Opdrachthoudende Vereniging op 26 november 2025 (of iedere andere datum waarop deze uitgesteld of verdaagd zou worden), op te dragen zijn/haar stemgedrag af te stemmen op de beslissingen genomen in de gemeenteraad van heden inzake voormeld artikel 1 van onderhavige beslissing.

       

      Artikel 3

      Het college van burgemeester en schepenen te gelasten met de uitvoering van voormelde be- slissingen en onder meer kennisgeving hiervan te verrichten aan Fluvius Opdrachthoudende Vereniging, ter attentie van het secretariaat (in pdf-versie), uitsluitend op het e‑mailadres vennootschapssecretariaat@fluvius.be.

    • Buitengewone algemene vergadering Fluvius Antwerpen. Goedkeuring van de agendapunten en vaststelling van het mandaat van de vertegenwoordigers. Goedkeuring statutenwijzigingen. Goedkeuring van de partiële splitsing.

      Artikel 432, alinea 3 van het decreet over het lokaal bestuur, waarbij bepaald wordt dat de vaststelling van het mandaat van de vertegenwoor­diger dient te worden herhaald voor elke Algemene Vergadering.

      De gemeente is voor één of meerdere activiteiten aangesloten bij de opdrachthoudende vereniging Fluvius Antwerpen.

      De agenda met documentatiestukken werd opgesteld door de Raad van Bestuur in zitting van 17 september 2025.

      De gemeente werd per aangetekend schrijven van 18 september 2025 opgeroepen om deel te nemen aan de Buitengewone Algemene Vergadering van Fluvius Antwerpen die op 17 december 2025 plaatsheeft in Vestar, Van Diepenbeeckstraat 12, te 2018 Antwerpen.

      Een dossier met documentatiestukken werd aan de gemeente op digitale wijze op 18 september 2025 ter beschikking gesteld.

      De door de Raad van Bestuur opgestelde ontwerp van statutenwijzigingen die worden onderverdeeld in 4 luiken, met name (1) wijziging over de winstverdeling en kostenlasten met betrekking tot de activiteit warmte, (2) wijzigingen ten gevolge van gewijzigde regelgeving, (3) actualiseringen/verduidelijkingen/tekstverfijningen/voorgestelde partiële splitsing en (4) schrapping van bepalingen die niet langer van toepassing zijn.

      Het niet-bindend advies van de Vlaamse Regering d.d. 23 juli 2025 dat deel uitmaakt van het dossier ‘statutenwijzigingen’.

      Het voorstel om de voorliggende statutenwijzigingen in werking te laten treden per 1 januari 2026.

      De Raad van Bestuur van Fluvius Antwerpen heeft in zitting van 17 september 2025 de bijzondere verslagen opgesteld overeenkomstig de artikelen 6:86 (wijziging voorwerp) en 6:87 (wijziging aandelensoorten) van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen.

      De partiële splitsing door overneming die de Raden van Bestuur van Fluvius Antwerpen en van Fluvius Midden-Vlaanderen voorstellen waarbij de activiteiten elektriciteit, aardgas, openbare elektronische-communicatienetwerken en strategische participaties verbonden aan het grondgebied Zwijndrecht van de gemeente Beveren-Kruibeke-Zwijndrecht zullen overgaan van de opdrachthoudende vereniging Fluvius Antwerpen naar de opdrachthoudende vereniging Fluvius Midden-Vlaanderen.

       Artikel 1

      Zijn goedkeuring te hechten aan de agenda van de Buitengewone Algemene Vergadering van de opdrachthoudende vereniging Fluvius Antwerpen van 17 december 2025:

       

      1.   Realisatie van een partiële splitsing door overneming overeenkomstig de artikelen 12:8 en 12:59 en volgende van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (hierna WVV) van de Opdrachthoudende vereniging Fluvius Antwerpen (partieel te splitsen vereniging) om de activiteiten elektriciteit, aardgas, openbare elektronische-communicatienetwerken en strategische participaties (Publi-T en Publigas) verbonden aan het grondgebied Zwijndrecht van de gemeente Beveren-Kruibeke-Zwijndrecht, dewelke zij heeft toevertrouwd aan Fluvius Antwerpen, over te brengen naar de Opdrachthoudende vereniging Fluvius Midden-Vlaanderen (overnemende vereniging):

      a.      Vaststelling van de in het splitsingsvoorstel opgenomen opschortende voorwaarden en tijdsbepaling.

      b.     Kennisneming van het splitsingsvoorstel (art. 12:59 WVV), van het omstandig verslag van de Raad van Bestuur (art. 12:61 WVV) en van de Commissaris (art. 12:62 WVV) met betrekking tot het voorstel tot partiële splitsing door overneming en van eventuele belangrijke wijzigingen in activa en passiva van het vermogen (art. 12:63 WVV), met juridische, boekhoudkundige en fiscale uitwerking van de partiële splitsing per 1 januari 2026.
      De deelnemers kunnen één maand voor de Buitengewone Algemene Vergadering op de website van Fluvius Antwerpen kennis nemen van het splitsingsvoorstel, voormelde verslagen en de overige stukken bedoeld in de artikelen 12:59, 12:61 en 12:62 WVV en kosteloos een kopie van deze stukken verkrijgen.

      c.      Goedkeuring van:

      i.       De partiële splitsing door overneming van de Opdrachthoudende vereniging Fluvius Antwerpen (partieel te splitsen vereniging) om de activiteiten elektriciteit, aardgas, openbare elektronische-communicatienetwerken en strategische participaties (Publi-T en Publigas) verbonden aan het grondgebied Zwijndrecht van de gemeente Beveren-Kruibeke-Zwijndrecht, over te brengen naar de Opdrachthoudende vereniging Fluvius Midden-Vlaanderen (overnemende vereniging) omvattende alle activa en passiva en alle rechten en plichten, niets uitgezonderd, noch voorbehouden, en dit op basis van een balans afgesloten op 30 juni 2025, met inwerkingtreding per 1 januari 2026 en dit op basis van de ruilverhouding (voorlopige) van de balans afgesloten op 30 juni 2025 en een definitieve ruilverhouding vastgesteld op de balans per 31 december 2025.

      ii.      De overeenkomstige wijzigingen aan het eigen vermogen.

      iii.     De overeenkomstige wijzigingen aan het register van de deelnemers.

      d.     Aanvaarding van de uittreding voor de activiteiten elektriciteit, aardgas, openbare elektronische-communicatienetwerken en strategische participaties (Publi-T en Publigas) verbonden aan het grondgebied Zwijndrecht van de gemeente Beveren-Kruibeke-Zwijndrecht vanaf 1 januari 2026.

      e.     Vaststelling van de noodzakelijke uitvoeringsmaatregelen en verlenen van de desbetreffende machtiging naar aanleiding van de besluitvorming omtrent de partiële splitsing en wijzigingen aan het eigen vermogen en inzonderheid verlening van machtiging aan de Raad van Bestuur met mogelijkheid tot subdelegatie om:

      i.       De al dan niet vervulling van de opschortende voorwaarden die gelden ten aanzien van de partiële splitsing zoals vermeld onder punt 1.a vast te stellen;

      ii.      De verwezenlijking van de partiële splitsing vast te stellen;

      iii.     Het overgedragen vermogen exact te beschrijven, en desgevallend de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie vrij te stellen van het nemen van een ambtshalve inschrijving; 

      iv.     De definitieve ruilverhouding in het kader van de partiële splitsing vast te stellen op basis van de geactualiseerde netto actief-waarde van de partieel te splitsen vereniging en de overnemende vereniging per 31 december 2025, berekend volgens de principes vastgelegd in het partiële splitsingsvoorstel en de bijzondere verslagen over het partiële splitsingsvoorstel, dit na revisorale controle van de cijfers per 31 december 2025;

      v.      Daartoe alle akten en stukken te tekenen, woonplaats te kiezen en alles te doen wat nodig of nuttig kan zijn;

      vi.     Alle formaliteiten te vervullen met betrekking tot de neerlegging en publicatie van de beslissingen van de Buitengewone Algemene Vergadering en de uitvoering van de partiële splitsing in de meest brede zin.

      2.   Statutenwijzigingen:

      a.      Kennisneming bijzonder verslag van de Raad van Bestuur opgesteld overeenkomstig artikel 6:86 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV);

      b.     Kennisneming bijzonder verslag van de Raad van Bestuur opgesteld overeenkomstig artikel 6:87 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV);

      c.      Kennisneming voorafgaand niet-bindend advies Vlaamse Regering d.d. 23 juli 2025;

      d.     Goedkeuring voorstel van statutenwijzigingen (inclusief de wijziging van het voorwerp);

      e.     Vaststelling van de opschortende voorwaarden met betrekking tot de statutenwijzigingen;

      f.      Verlenen van machtiging aan de Raad van Bestuur met mogelijkheid tot subdelegatie om de al dan niet vervulling van de opschortende voorwaarden die gelden met betrekking tot het agendapunt 2 vast te stellen.

      g.      Verlenen van een machtiging aan de Secretaris van de Raad van Bestuur met mogelijkheid van subdelegatie om de statuten inclusief de bijlagen te coördineren;

      3.   Verlenen van machtiging aan de Secretaris van de Raad van Bestuur met de mogelijkheid tot subdelegatie voor de opmaak en finalisering van de nodige documenten en voor de afhandeling van de formaliteiten met betrekking tot de agendapunten 1 en 2, en om de beslissingen genomen in de agendapunten 1 en 2 en desgevallend 6, 7 en 8 bij authentieke akte te doen vaststellen.

      4.   Bespreking in het kader van artikel 432 van het decreet over het lokaal bestuur van de te ontwikkelen activiteiten en de te volgen strategie voor het boekjaar 2026 alsook van de door de Raad van Bestuur opgestelde begroting 2026.

      5.   Vaststelling uitkeringen overeenkomstig artikel 6:114 e.v. WVV.

      6.   Desgevallend aanvaarding toetreding/uitbreiding aansluiting gemeenten voor (neven)activiteiten.

      7.   Statutaire benoemingen.

      8.   Statutaire mededelingen.

       

      Artikel 2 [STATUTENWIJZIGINGEN]

      Zijn goedkeuring te hechten aan de voorgestelde statutenwijzigingen van Fluvius Antwerpen.

       


      Artikel 3 [PARTIËLE SPLITSING DOOR OVERNEMING VAN FLUVIUS ANTWERPEN NAAR FLUVIUS MIDDEN-VLAANDEREN VOOR DE activiteitEN ELEKTRICITEIT, AARDGAS, OPENBARE ELEKTRONISCHE-COMMUNICATIENETWERKEN en STRATEGISCHE PARTICIPATIES (PUBLI-T EN PUBLIGAS) VERBONDEN AAN HET GRONDGEBIED ZWIJNDRECHT VAN DE GEMEENTE BEVEREN-KRUIBEKE-ZWIJNDRECHT]

       

      Zijn goedkeuring te hechten aan het voorstel van partiële splitsing door overneming inzake de overgang van Fluvius Antwerpen naar Fluvius Midden-Vlaanderen van de activiteiten elektriciteit, aardgas, openbare elektronische-communicatienetwerken en strategische participaties verbonden aan het grondgebied Zwijndrecht van de gemeente Beveren-Kruibeke-Zwijndrecht.

       

      De Buitengewone Algemene Vergadering van Fluvius Antwerpen te verzoeken de uittreding voor de activiteiten elektriciteit, aardgas, openbare elektronische-communicatienetwerken en strategische participaties verbonden aan het grondgebied Zwijndrecht van de gemeente Beveren-Kruibeke-Zwijndrecht te willen aanvaarden.

       

      Artikel 4

      De opdrachthoudende vereniging Fluvius Antwerpen te verzoeken om de nodige bestuurlijke en vennootschapsrechtelijke acties te ondernemen om uitvoering te kunnen geven aan bovenstaande beslissingen van deze gemeenteraad.

       

      Artikel 5

      De vertegenwoordiger van de gemeente/stad die zal deelnemen aan de Buitengewone Algemene Vergadering van de opdrachthoudende vereniging Fluvius Antwerpen op 17 december 2025 (of iedere andere datum waarop deze uitgesteld of verdaagd zou worden), op te dragen zijn/haar stemgedrag af te stemmen op de beslissingen genomen in de gemeenteraad van heden inzake voormelde artikelen van onderhavige beslissing.

       

      Artikel 6

      Het college van burgemeester en schepenen te gelasten met de uitvoering van voormelde be­slis­singen en onder meer kennisgeving hiervan te verrichten aan de opdrachthoudende vere­niging Fluvius Antwerpen, ter attentie van het secre­tariaat (in pdf-versie), uitsluitend op het e‑mailadres vennootschapssecretariaat@fluvius.be.

       

    • Intergemeentelijke samenwerking: PONTES. Aanduiding vertegenwoordiger buitengewone algemene vergadering van 18 december 2025 en vaststelling mandaat. Goedkeuring

      Artikelen 432 en 459 van het Decreet van 22 december 2017 over het Lokaal Bestuur en de artikelen 34, §2, 2° en 41, §2, 4° en 9° van de statuten

      De gemeenteraad is bevoegd voor de aangelegenheden inzake de deelname aan en de vertegenwoordiging in instellingen, verenigingen en ondernemingen, evenals voor de aangelegenheden die het decreet uitdrukkelijk aan de gemeenteraad voorbehoudt.

      De gemeenteraden bepalen de afvaardiging en het mandaat van hun vertegenwoordigers in de algemene vergadering van de intergemeentelijke samenwerkingsverbanden.

      Tijdens het laatste trimester van elk jaar wordt een algemene vergadering georganiseerd die minstens beraadslaagt over de te ontwikkelen activiteiten, de strategie en het budget voor volgend jaar. In het eerste jaar van de bestuursperiode wordt tevens een evaluatienota en een ondernemingsplan voorgelegd.

      De intergemeentelijke vereniging PONTES heeft een uitnodiging gestuurd voor een buitengewone algemene vergadering op 18 december 2025. Het betreft een buitengewone algemene vergadering waarop naast de goedkeuring van de beleidsnota en het budget, ook de goedkeuring van de evaluatienota en het ondernemingsplan staan geagendeerd.

      Aangezien de gemeente aandeelhouder is in deze vereniging, moet een gemeentelijk vertegenwoordiger worden aangeduid en moet tevens het mandaat van deze vertegenwoordiger worden vastgesteld.

      De gemeente Aartselaar is deelnemer in de intergemeentelijke vereniging PONTES.

      PONTES heeft een uitnodiging gestuurd voor de buitengewone algemene vergadering met opgave van de agenda. Tevens werden alle documenten toegevoegd die een toelichting bevatten bij de geagendeerde onderwerpen. 

      Aangezien er geen bezwaren bestaan ten aanzien van de voorgestelde agenda en ontwerpbesluiten, kan de voorgestelde agenda worden goedgekeurd en het mandaat van de gemeentelijke vertegenwoordiger(s) dienovereenkomstig worden vastgesteld.

      De vertegenwoordiger van de gemeente werd reeds voor de hele bestuursperiode aangeduid.

      Artikel 1

      De gemeenteraad keurt de agenda en de daarin opgenomen onderwerpen van de buitengewone algemene vergadering van de intergemeentelijke vereniging PONTES van 18 december 2025 goed. Deze agenda ziet er als volgt uit ziet: 

      1.      Algemene vergadering: verslag 26 juni 2025 – goedkeuring

      2.      Beleid: evaluatienota 2019-2024 – goedkeuring

      3.      Beleid: ondernemingsplan 2025-2030 – goedkeuring

      4.      Beleid: beleidsnota 2026 – goedkeuring

      5.      Financiën: budget 2026 – goedkeuring

      6.      Financiën: aanstelling bedrijfsrevisor voor boekjaren 2024 t/m 2026 (wijziging) – goedkeuring

      7.      Varia en rondvraag

       

      Artikel 2

      De vertegenwoordiger van de gemeente die zal deelnemen aan de buitengewone algemene vergadering van PONTES op 18 december 2025 wordt opgedragen zijn/haar stemgedrag af te stemmen op de besluiten van de gemeenteraad van heden inzake onderhavige aangelegenheid.

    • Vaststelling van het mandaat van de afgevaardigde van de gemeente voor de buitengewone algemene vergadering van Pidpa op 19 december 2025.

      De statuten van de opdrachthoudende vereniging Pidpa.

      Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, zoals laatst gewijzigd.

      De gemeente is deelnemer aan de opdrachthoudende vereniging Pidpa.

      Op vrijdag 19 december 2025 om 11:30 u organiseert Pidpa een algemene vergadering op afstand.

       

      De agenda van deze algemene vergadering is als volgt:

      1. 1.       Nazicht van de raadsbesluiten voor de afgevaardigden
      2. 2.       Begroting 2026
      3. 3.       Aanduiding commissaris-revisor
      4. 4.       De Stroomlijn CV – voorstel tot toetreding
      5. 5.       Toetredingen/opdrachtuitbreidingen gemeenten
      6. 6.       Varia
        - Vragen van vennoten

      De brief van Pidpa van 17 oktober 2025 met agenda en bijlagen:

      -          Begroting 2026

      -          Model als raadsbeslissing

      -          Toelichting aanduiding commissaris-revisor

      -          Toelichting omtrent toetreding De Stroomlijn

      -          Toelichting toetredingen/uitbreidingen

      De voorgelegde documenten omvatten de verslaggeving omtrent de geplande activiteiten en de begroting voor 2026. Daarnaast worden nog volgende punten behandeld: toetredingen en/of uitbreidingen van de opdracht van Pidpa bij verschillende gemeenten, de toetreding tot De Stroomlijn en de aanduiding van de commissaris-revisor.

      Er zijn hieraan geen financiële aspecten verbonden.

      Artikel 1:              

      Goedkeuring te verlenen aan de door de Raad van Bestuur van Pidpa voorgelegde begroting 2026 en het toelichtend verslag.

       

      Artikel 2:              

      Goedkeuring te verlenen aan de toetreding/uitbreiding van opdracht.

       

      Artikel 3:              

      Goedkeuring te verlenen aan de toetreding van Pidpa tot ‘De Stroomlijn’.

       

      Artikel 4:              

      Goedkeuring te verlenen aan de aanduiding van de nieuwe commissaris-revisor.  

       

      Artikel 5:          

      Aan de vertegenwoordiger wordt de opdracht gegeven om op de algemene vergadering van 19 december 2025, overeenkomstig deze beslissing te stemmen evenals op elke andere algemene vergadering die wordt samengeroepen ter behandeling van de agendapunten van deze algemene vergadering.

       

      Artikel 6:             

      Het college van burgemeester en schepenen wordt gelast met de uitvoering van dit besluit en zal onverwijld een afschrift van deze beslissing bezorgen aan Pidpa, Desguinlei 246 te 2018 Antwerpen.

       

       

       

    • Kennisname en goedkeuring van de agenda en vaststelling van het mandaat van de vertegenwoordiger van de gemeente op de algemene vergadering vergadering van C-Smart d.d. 18 december 2025.

      Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en in het bijzonder op artikel 40 inzake de bevoegdheid van de gemeenteraad, en latere wijzigingen.

      Het decreet van 6 juli 2001 houdende de intergemeentelijke samenwerking (hierna kortweg “DIS”).

      De laatst gecoördineerde statuten van C-Smart.

      Het feit dat de gemeente aangesloten is bij C-Smart.

      Het gemeenteraadsbesluit inzake de aanduiding van de vertegenwoordiger van de gemeente voor alle (buitengewone) algemene vergaderingen van C-Smart gedurende deze legislatuur.

      De oproepingsbrief van 29 oktober 2025 tot de algemene vergadering vergadering van C-Smart d.d. 18 december 2025 om 16u te digitale vergadering met de volgende agendapunten:

      1. Toetreding nieuwe deelnemer(s)
      2. Bespreking en goedkeuring van de begroting 2026
      3. Goedkeuring van het verslag, staande de vergadering

       

      De gemeenteraad neemt kennis van de dagorde van deze vergadering en stelt het stemgedrag van de gemeentelijke vertegenwoordiger vast, conform de bepalingen van het decreet Lokaal Bestuur.

      De gemeenteraad heeft de bijhorende documenten met betrekking tot de vermelde agendapunten onderzocht.

      Er zijn geen redenen om de goedkeuring van de voorgelegde agendapunten te weigeren.

      Artikel 1     

      Goedkeuring te verlenen aan de agendapunten van de algemene vergadering vergadering van C-Smart d.d. 18 december 2025:

      1. Toetreding nieuwe deelnemer(s)
      2. Bespreking en goedkeuring van de begroting 2026
      3. Goedkeuring van het verslag, staande de vergadering

      Artikel 2      

      De gemeentelijke vertegenwoordiger wordt gemandateerd om op de algemene vergadering vergadering van C-Smart d.d. 18 december 2025 (of iedere andere datum waarop deze uitgesteld of verdaagd zou worden) te handelen en te beslissen conform dit besluit.

       

      Artikel 3      

      Het college van burgemeester en schepenen wordt gelast met de uitvoering van dit besluit en in het bijzonder met het in kennis stellen daarvan aan C-Smart.

    • EVA vzw ProCC Aartselaar. Algemene vergadering van ma 24 november 2025. Goedkeuring van de agenda en vaststelling van het mandaat van de gemeentelijke vertegenwoordiger.

      Het gemeentebestuur Aartselaar heeft het extern verzelfstandigd agentschap -EVA vzw ProCC-Aartselaar - opgericht met betrekking tot de programmatie van het Cultureel Centrum Aartselaar en is met een meerderheid van de stemmen vertegenwoordigd in de Algemene Vergadering van de EVA vzw ProCC-Aartselaar.

      De  gemeente werd op 25 oktober 2025 opgeroepen om deel te nemen aan de Algemene Vergadering van EVA vzw ProCC-Aartselaar, die plaatsvindt op ma 24 november '25' -19u30 in Chalet De Hamer, 2630 Aartselaar. De uitnodiging omvatte de agenda en bijbehorende documentatiestukken.

      Stemming: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.

       

      Artikel 1

      Zijn goedkeuring te verlenen aan de volgende agendapunten (incl. de documentatiestukken) van de Algemene vergadering van EAV vzw ProCC Aartselaar van ma 24 november 2025:

       

      1. Verslag van de vorige vergadering

      2. Begroting 2026 ProCC vzw – Aartselaar (zie bijlage 1). Goedkeuring.

      3. Evaluatieverslag & Samenwerkingsovereenkomst (zie bijlage 2 + 3). Goedkeuring.

      4. Kennisname:

      • Vergaderdata 2026
        • Bestuursorgaan
        • AV ProCC
      • Verslag Bestuursorgaan 7 okt 2025 (zie bijlage 4)
      • Stand van Zaken seizoen '25-'26:
        • Rekeningstand ProCC vzw– Aartselaar
        • Ticketverkoop seizoen ’25-‘26
        • Vrijwilligerswerking

      Artikel 2

      De vertegenwoordigers van de gemeente die zullen deelnemen aan de Algemene Vergadering van EVA vzw ProCC op ma 24 november 2025, worden opgedragen hun stemgedrag af te stemmen op de beslissingen genomen in de gemeenteraad van heden.

       

      Artikel 3

      Het college van burgemeester en schepenen te belasten met de uitvoering van voorgemelde beslissingen en onder meer het secretariaat van EVA vzw ProCC-Aartselaar hierover te informeren.

    • Goedkeuring toetreding Boom, Hemiksem, Niel, Rumst en Schelle tot projectvereniging Streekvereniging Zuidrand.

      Het Onroerenderfgoeddecreet van12 juli 2013

      Het Cultureelerfgoeddecreet van 23 december 2021

      Het Regiodecreet van 9 maart 2023

      Gemeenteraadsbesluit d.d. 17.02.2025: Aangepaste statuten Streekvereniging Zuidrand

      Gemeenteraadsbesluit d.d. 23.06.2025: principiële goedkeuring samenwerking erfgoed voor Zuidrand en Rupelstreek

      Streekvereniging Zuidrand is erkend als Intergemeentelijke Onroerend ErfgoedDienst (IOED) sinds 2018, als Intergemeentelijke Samenwerking voor Bovenlokale Cultuurwerking (2020) en als Cultureel Erfgoedcel (2021). Zij staat daarnaast in voor het toeristisch beleid in de streek via Toerisme Zuidrand. Streekvereniging Zuidrand is sinds 2021 het bovenlokale aanspreekpunt in de streek voor cultuur, erfgoed en toerisme.

      IP Erfgoed Rupelstreek is een intergemeentelijk samenwerkingsverband rond erfgoed tussen de gemeenten Boom, Hemiksem, Niel, Rumst en Schelle. Sinds 2020 is de IP Erfgoed Rupelstreek erkend door de Vlaamse overheid als Intergemeentelijke Onroerend ErfgoedDienst (IOED).

      Het nieuwe Regiodecreet van 2023 bepaalt de grenzen waarbinnen een intergemeentelijke samenwerking kan opgezet worden. De gemeenten uit de Rupelstreek liggen hierbij aan de meest zuidelijke grens van de referentieregio Antwerpen.

      IP Erfgoed Rupelstreek en Streekvereniging Zuidrand hebben in 2024 een traject gelopen met het Agentschap Binnenlands Bestuur en IDEA Consult om te bekijken of de samenwerking tussen de twee bestaande projectverenigingen verder kan worden uitgebreid.

      De 11 gemeenten die behoren tot het werkingsgebied van Erfgoed Rupelstreek en Streekvereniging Zuidrand beslisten begin 2025 om samen een dossier voor een intergemeentelijke onroerend erfgoeddienst (IOED) en voor een cultureel-erfgoedconvenant in te dienen bij de Vlaamse Overheid.

      De gemeenteraden van Boom, Hemiksem, Niel, Rumst en Schelle dienden hiertoe in oktober 2025 een officiële aanvraag tot toetreding in bij de raad van bestuur van Streekvereniging Zuidrand. De raad van bestuur legt deze aanvraag voor aan de gemeenteraden van de aangesloten gemeenten Aartselaar, Edegem, Hove, Kontich, Lint en stad Mortsel.

      De 11 gemeenten die behoren tot het werkingsgebied van Erfgoed Rupelstreek en Streekvereniging Zuidrand beslisten om samen een dossier voor een intergemeentelijke onroerend erfgoeddienst (IOED) en voor een cultureel-erfgoedconvenant in te dienen bij de Vlaamse Overheid. Vanaf 2027 zal de werking van Erfgoed Rupelstreek daarom geïntegreerd en uitgebreid worden in de projectvereniging Streekvereniging Zuidrand. Vanaf 2027 vervelt deze projectvereniging dan tot Streekvereniging Zuidrand-Rupelstreek.

      De deadlines voor de indiening van een aanvraagdossier bij Vlaanderen voor structurele werkingssubsidies zijn 15 januari 2026 voor de IOED en 1 april 2026 voor het cultureel-erfgoedconvenant.

      Elk aanvraagdossier bevat een participatief proces, een meerjarenplan (2027-2032) en bijhorende meerjarenbegroting. Deze dossiers worden in november 2025 ter goedkeuring voorgelegd aan elk van de aangesloten gemeenteraden.

      Om de aanvraagdossiers te kunnen indienen bij de Vlaamse Overheid, dienen de gemeenten van de Rupelstreek toe te treden tot Streekvereniging Zuidrand.

      Na goedkeuring van de aanvraagdossiers, wordt de projectvereniging Erfgoed Rupelstreek op 1 januari 2027 van rechtswege ontbonden. De werking zal integraal worden geïntegreerd in de projectvereniging Streekvereniging Zuidrand. Hierbij wordt een verlenging/uitbreiding van de erkenning als IOED en Erfgoedcel beoogd.

      In de statuten van projectvereniging Streekvereniging Zuidrand wordt in art. 7 gesteld dat nieuwe deelnemers kunnen toetreden wanneer zij daartoe een aanvraag indienen aan de zetel van de vereniging. De toetreding van een kandidaat-lid kan door de raad van bestuur slechts worden aanvaard als alle deelnemende overheden van Streekvereniging Zuidrand met de toetreding hebben ingestemd.

      De raad van bestuur ontving in oktober van de vijf Rupelgemeenten Boom, Hemiksem, Niel, Rumst en Schelle een officiële aanvraag tot toetreding en leggen deze hierbij voor aan de gemeenteraden van de aangesloten gemeenten Aartselaar, Edegem, Hove, Kontich, Lint en stad Mortsel.

      De raad van bestuur geeft een positief advies aan de gemeenteraden voor deze toetreding met oog op het indienen van een aanvraagdossier voor een intergemeentelijke onroerend erfgoeddienst (IOED) en voor een cultureel-erfgoedconvenant bij de Vlaamse Overheid.

       

      Financiële weerslag

      Deze beslissing heeft geen financiële weerslag.

      Enig Artikel

      De toetreding van de gemeenten Boom, Hemiksem, Niel, Rumst en Schelle tot Streekvereniging Zuidrand goed te keuren, met het oog op het indienen van een aanvraagdossier voor een intergemeentelijke onroerend erfgoeddienst (IOED) en voor een cultureel-erfgoedconvenant bij de Vlaamse Overheid.

    • Goedkeuring beleidsplan cultureel erfgoed Streekvereniging Zuidrand-Rupelstreek 2027-2032

      Het Onroerenderfgoeddecreet van12 juli 2013

      Het Cultureelerfgoeddecreet van 23 december 2021

      Het Regiodecreet van 9 maart 2023

      Gemeenteraadsbesluit dd. 14.12.2020:  goedkeuring verlenging Streekvereniging Zuidrand 

      Gemeenteraadsbesluit d.d. 23.06.2025: principiële goedkeuring samenwerking erfgoed voor Zuidrand en Rupelstreek

      De projectvereniging ‘Streekvereniging Zuidrand-Rupelstreek’ is een samenwerkingsverband tussen elf lokale besturen: Aartselaar, Boom, Edegem, Hemiksem, Hove, Kontich, Lint, Mortsel, Niel, Rumst, en Schelle. 

      De gemeentebesturen werkten de voorbije jaren samen in twee afzonderlijke projectverenigingen voor erfgoed, Streekvereniging Zuidrand en Erfgoed Rupelstreek. Momenteel is Streekvereniging Zuidrand erkend als Intergemeentelijke Onroerend ErfgoedDienst (IOED) sinds 2018, als Intergemeentelijke Samenwerking voor Bovenlokale Cultuurwerking (2020) en als Cultureel Erfgoedcel (2021). Zij staat daarnaast in voor het toeristisch beleid in de streek via Toerisme Zuidrand. Streekvereniging Zuidrand is sinds 2021 het bovenlokale aanspreekpunt in de streek voor cultuur, erfgoed en toerisme. Erfgoed Rupelstreek is een intergemeentelijk samenwerkingsverband rond erfgoed tussen de gemeenten Boom, Hemiksem, Niel, Rumst en Schelle. Sinds 2020 is de IP Erfgoed Rupelstreek erkend door de Vlaamse overheid als Intergemeentelijke Onroerend ErfgoedDienst (IOED).

      Vanaf 2027 zullen de elf lokale besturen samenwerken binnen de nieuwe projectvereniging Zuidrand-Rupelstreek. Naast de cultureel-erfgoedwerking en onroerend-erfgoedwerking, waar alle elf gemeenten aan deelnemen, vormen zes gemeenten ook een samenwerking voor bovenlokale cultuurwerking (Cultuurregio Zuidrand) en toerisme (Toerisme Zuidrand) binnen de projectvereniging Streekvereniging Zuidrand-Rupelstreek. Het gaat om Aartselaar, Edegem, Hove, Kontich, Lint en Mortsel.

      Het Cultureelerfgoeddecreet van 23 december 2021 voorziet in de ondersteuning van de steden en gemeenten via het instrument van de cultureelerfgoedconvenants. De subsidie wordt toegekend voor het opnemen van een dienstverlenende rol op regionaal niveau. De beleidsperiode voor de intergemeentelijke samenwerkingsverbanden duurt zes jaar, van 2027 tot en met 2032. 

      Het nieuwe Regiodecreet van 2023 bepaalt de grenzen waarbinnen een intergemeentelijke samenwerking kan opgezet worden.

      Streekvereniging Zuidrand-Rupelstreek wil intekenen op het cultureel-erfgoeddecreet om een cultureelerfgoedconvenant aan te vragen voor de periode 2027-2032.

      Het beleidsplan cultureel erfgoed dat voorligt, kwam tot stand na overleg met en input van de cultuurambtenaren, de schepenen voor cultuur en erfgoed, de raad van bestuur en het dagelijks bureau van de Streekvereniging Zuidrand en Erfgoed Rupelstreek en verenigingen en experts uit het brede cultureel-erfgoedveld.

      Het beleidsplan zet 4 strategische en 14 operationele doelstellingen voorop:

      • SD1 Erfgoedcel Zuidrand-Rupelstreek is de spil van het bovenlokaal netwerk voor cultureel erfgoed
        • OD 1.1 Erfgoedcel Zuidrand-Rupelstreek bouwt aan een sterk netwerk van lokale en bovenlokale partners
        • OD 1.2 Erfgoedcel Zuidrand-Rupelstreek capteert en speelt in op de noden van cultureel-erfgoedgemeenschappen
        • OD 1.3 De samenwerking rond cultureel erfgoed is versterkt
      • SD2 Collectie- en archiefzorg is versterkt
        • OD 2.1 De regionale Erfgoedbank is de belangrijkste tool voor digitale collectieregistratie- en ontsluiting
        • OD 2.2 Collectiebeheerders verscherpen hun vaardigheden en visie op hun collectie
        • OD 2.3 Archiefvormers en documentatiecentra zijn ondersteund in hun werking
        • OD 2.4 Kerkelijke collecties worden ge(her)ïnventariseerd
      • SD3 Meer mensen voelen zich verbonden met het cultureel erfgoed uit hun regio
        • OD 3.1 Het cultureel erfgoed is zichtbaar en breder toegankelijk voor een meer divers publiek
        • OD 3.2 Immaterieel erfgoedgemeenschappen zijn zich bewust van hun erfgoedwaarde en dragen dit uit
        • OD 3.3 Inwoners zetten zich als vrijwilliger actief in voor het cultureel erfgoed
      • SD4 Erfgoedcel Zuidrand-Rupelstreek werkt transparant en transversaal
        • OD 4.1 Erfgoedcel Zuidrand-Rupelstreek is een volwaardig en geïntegreerd onderdeel van Streekvereniging Zuidrand-Rupelstreek
        • OD 4.2 Erfgoedcel Zuidrand-Rupelstreek communiceert efficiënt en gericht over het cultureel erfgoed
        • OD 4.3 Medewerkers zijn de belangrijkste ambassadeurs van de werking
        • OD 4.4 Streekvereniging Zuidrand-Rupelstreek is een financieel gezonde en duurzame organisatie

      Met dit beleidsplan en de bijhorende subsidiëring vanuit de Vlaamse Gemeenschap wil Streekvereniging Zuidrand-Rupelstreek de komende zes jaren een uitgebreide en structurele werking op vlak van cultureel erfgoed uitbouwen.

      Financiële weerslag

      De Streekvereniging Zuidrand-Rupelstreek vraagt de gemeenten een jaarlijkse bijdrage à rato van 0,40 euro per inwoner voor de financiering van de cultureel-erfgoedwerking voor de periode 2027-2032.

      Deze bijdragen zullen tijdens de beleidsperiode jaarlijks worden geïndexeerd met de gezondheidsindex met als basis januari 2027.

      Aan de Vlaamse Gemeenschap wordt een jaarlijks subsidiebedrag van 300 000 euro gevraagd voor de cultureel-erfgoedwerking.

      Cultureel Erfgoedcel

      inwoners (cijfers 2025)

      2027 – bijdragen

      2032 – bijdragen

      (obv raming indexeringen)

         

      € 0,40/inw

      € 0,45/inw

      Aartselaar

      15 093

      6 037,20

      6 720,76

      Edegem

      23 502

      9 400,80

      10 465,20

      Hove

      8 366

      3 346,40

      3 725,29

      Kontich

      21 801

      8 720,40

      9 707,76

      Lint

      8 499

      3 399,60

      3 784,52

      Mortsel

      26 736

      10 694,40

      11 905,27

      Boom

      19 699

      7 879,60

      8 771,76

      Hemiksem

      12 428

      4 971,20

      5 534,06

      Niel

      11 032

      4 412,80

      4 912,44

      Rumst

      15 692

      6 276,80

      6 987,49

      Schelle

      8 682

      3 472,80

      3 866,01

      Totaal gemeenten

      171 530

      68 612,00

      76 380,56

       

      Vlaamse subsidie

       

      300 000,00

      333 967,33

       

      Totaal ZR-RS

       

      368 612,00

      410 347,89

      Artikel 1

      Het beleidsplan cultureel erfgoed 2027-2032 van Streekvereniging Zuidrand-Rupelstreek goed te keuren.

      Artikel 2

      De bijdrage voor de cultureel-erfgoedwerking van het intergemeentelijk samenwerkingsverband Streekvereniging Zuidrand-Rupelstreek goed à rato van 0,4 euro per inwoner voor de periode 2027-2032 goed te keuren.

    • Goedkeuring beleidsplan onroerend erfgoed Streekvereniging Zuidrand-Rupelstreek 2027-2032

      Het Onroerenderfgoeddecreet van12 juli 2013

      Het Cultureelerfgoeddecreet van 23 december 2021

      Het Regiodecreet van 9 maart 2023

      Gemeenteraadsbesluit dd. 14.12.2020:  goedkeuring verlenging Streekvereniging Zuidrand 

      Gemeenteraadsbesluit d.d. 23.06.2025: principiële goedkeuring samenwerking erfgoed voor Zuidrand en Rupelstreek

      De projectvereniging ‘Streekvereniging Zuidrand-Rupelstreek’ is een samenwerkingsverband tussen elf lokale besturen: Aartselaar, Boom, Edegem, Hemiksem, Hove, Kontich, Lint, Mortsel, Niel, Rumst, en Schelle. 

      De gemeentebesturen werkten de voorbije jaren samen in twee afzonderlijke projectverenigingen voor erfgoed, Streekvereniging Zuidrand en Erfgoed Rupelstreek. Momenteel is Streekvereniging Zuidrand erkend als Intergemeentelijke Onroerend ErfgoedDienst (IOED) sinds 2018, als Intergemeentelijke Samenwerking voor Bovenlokale Cultuurwerking (2020) en als Cultureel Erfgoedcel (2021). Zij staat daarnaast in voor het toeristisch beleid in de streek via Toerisme Zuidrand. Streekvereniging Zuidrand is sinds 2021 het bovenlokale aanspreekpunt in de streek voor cultuur, erfgoed en toerisme. Erfgoed Rupelstreek is een intergemeentelijk samenwerkingsverband rond erfgoed tussen de gemeenten Boom, Hemiksem, Niel, Rumst en Schelle. Sinds 2020 is de IP Erfgoed Rupelstreek erkend door de Vlaamse overheid als Intergemeentelijke Onroerend ErfgoedDienst (IOED).

      Vanaf 2027 zullen de elf lokale besturen samenwerken binnen de nieuwe projectvereniging Zuidrand-Rupelstreek. Naast de cultureel-erfgoedwerking en onroerend-erfgoedwerking, waar alle elf gemeenten aan deelnemen, vormen zes gemeenten ook een samenwerking voor bovenlokale cultuurwerking (Cultuurregio Zuidrand) en toerisme (Toerisme Zuidrand) binnen de projectvereniging Streekvereniging Zuidrand-Rupelstreek. Het gaat om Aartselaar, Edegem, Hove, Kontich, Lint en Mortsel.  

      Het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 voorziet in de erkenning en subsidiëring van steden en gemeenten. De subsidie wordt toegekend voor het opnemen van een dienstverlenende rol op regionaal niveau door erkende IOED’s. De beleidsperiode voor de intergemeentelijke samenwerkingsverbanden duurt zes jaar, van 2027 tot en met 2032. 

      Het nieuwe Regiodecreet van 2023 bepaalt de grenzen waarbinnen een intergemeentelijke samenwerking kan opgezet worden.

       

      Streekvereniging Zuidrand-Rupelstreek wil intekenen op het onroerenderfgoeddecreet om een erkenning en bijhorende subsidie aan te vragen voor de periode 2027-2032.

      Het beleidsplan onroerend erfgoed dat voorligt, kwam tot stand na overleg met en input van de omgevingsambtenaren, de schepenen voor erfgoed, de raad van bestuur en het dagelijks bureau van de Streekvereniging Zuidrand en Erfgoed Rupelstreek en verenigingen en experts uit het brede erfgoedveld.

      Het beleidsplan zet 4 strategische en 16 operationele doelstellingen voorop:

      • SD1 IOED Zuidrand-Rupelstreek is de spil van het bovenlokaal netwerk voor onroerend erfgoed
        • OD 1.1 IOED Zuidrand-Rupelstreek bouwt aan een sterk consultatienetwerk van lokale en bovenlokale partners
        • OD1.2 IOED Zuidrand- Rupelstreek is hét centraal en bovenlokaal kenniscentrum voor onroerend erfgoed
        • OD 1.3 IOED Zuidrand-Rupelstreek versterkt de werking van onroerenderfgoedgemeente(n)
      • SD2 IOED Zuidrand-Rupelstreek ondersteunt lokale besturen, eigenaars en het erfgoedveld
        • OD 2.1 IOED Zuidrand-Rupelstreek verleent advies over onroerend erfgoed
        • OD 2.2 Inventarisatie- en actualisatietrajecten geven een beter beeld van het aanwezige erfgoed
        • OD 2.3 Waarderingskaders zorgen voor gerichte en vlotte advisering
        • OD 2.4 IOED Zuidrand-Rupelstreek stimuleert verankering van het onroerend erfgoed in het beleid
        • OD 2.5 IOED Zuidrand-Rupelstreek ondersteunt en sensibiliseert eigenaars en beheerders van onroerend erfgoed
      • SD 3 Meer mensen voelen zich verbonden met het onroerend erfgoed uit hun regio
        • OD 3.1 Het onroerend erfgoed is zichtbaar en breder toegankelijk voor een meer divers publiek
        • OD 3.2 Projecten en trajecten maken een logische vertaalslag naar het bredere publiek
        • OD 3.3 Erfgoed als voedingsbodem voor de toeristische beleving in de regio
        • OD 3.4 Inwoners zetten zich als vrijwilliger actief in voor het onroerend erfgoed
      • SD4 IOED Zuidrand-Rupelstreek werkt transparant en transversaal
        • OD 4.1 IOED Zuidrand-Rupelstreek is een volwaardig en geïntegreerd onderdeel van Streekvereniging Zuidrand-Rupelstreek
        • OD 4.2 IOED Zuidrand-Rupelstreek communiceert efficiënt en gericht over het onroerend erfgoed
        • OD 4.3 Medewerkers zijn de belangrijkste ambassadeurs van de werking
        • OD 4.4 Streekvereniging Zuidrand-Rupelstreek is een financieel gezonde en duurzame organisatie

      Met dit beleidsplan en de bijhorende subsidiëring vanuit het Vlaams Gewest wil Streekvereniging Zuidrand-Rupelstreek de komende zes jaren een uitgebreide en structurele werking op vlak van onroerend erfgoed uitbouwen.

      Financiële weerslag

      Streekvereniging Zuidrand-Rupelstreek vraagt de gemeenten een jaarlijkse bijdrage à rato van 0,70 euro per inwoner voor de financiering van de cultureel-erfgoedwerking voor de periode 2027-2032. Zo wordt voldaan aan de voorwaarden uit het onroerenderfgoedbesluit om minstens 120 000 euro in te brengen.  

      Deze bijdragen zullen tijdens de beleidsperiode jaarlijks worden geïndexeerd met de gezondheidsindex met als basis januari 2027.

      Het Vlaams Gewest voorziet een jaarlijks geïndexeerd subsidiebedrag van 120 000 euro voor de onroerenderfgoedwerking.

      IOED

      inwoners (cijfers 2025)

      2027 – bijdragen

      2032 – bijdragen

      (obv raming indexeringen)

         

      € 0,70/inw

      € 0,78/inw

      Aartselaar

      15 093

      10 565,10

      11 761,33

      Edegem

      23 502

      16 451,40

      18 314,10

      Hove

      8 366

      5 856,20

      6 519,26

      Kontich

      21 801

      15 260,70

      16 988,58

      Lint

      8 499

      5 949,30

      6 622,91

      Mortsel

      26 736

      18 715,20

      20 834,22

      Boom

      19 699

      13 789,30

      15 350,59

      Hemiksem

      12 428

      8 699,60

      9 684,61

      Niel

      11 032

      7 722,40

      8 596,76

      Rumst

      15 692

      10 984,40

      12 228,10

      Schelle

      8 682

      6 077,40

      6 765,51

      Totaal gemeenten

      171 530

      120 071,00

      133 665,97

      Vlaamse subsidie

       

      120 000,00

      133 586,93

       

      Totaal ZR-RS

       

      240 071,00

      267 252,90

      Artikel 1

      Het beleidsplan onroerend erfgoed 2027-2032 van Streekvereniging Zuidrand-Rupelstreek goed te keuren.

      Artikel 2

      De bijdrage voor de onroerend-erfgoedwerking van het intergemeentelijk samenwerkingsverband Streekvereniging Zuidrand-Rupelstreek à rato van 0,7 euro per inwoner voor de periode 2027-2032 goed te keuren.

    • Toetreding tot de raamovereenkomst van Creat ‘Kantoormeubilair - oktober 2025’. Goedkeuring.

      Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikel 56, betreffende de bevoegdheden van het college van burgemeester en schepenen.

      De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.

      Het Bestuursdecreet van 7 december 2018.

      Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikelen 326 tot en met 341 betreffende het bestuurlijk toezicht.

      De wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies, en latere wijzigingen.

      De wet van 17 juni 2016 en latere wijzigingen inzake overheidsopdrachten, meer bepaald artikel 36, en meer bepaald artikelen 2, 6° en 47 §2 die de aanbestedende overheden vrijstelt van de verplichting om zelf een plaatsingsprocedure te organiseren wanneer ze een beroep doen op een aankoopcentrale.

      Het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten, en latere wijzigingen.

      Het koninklijk besluit van 18 april 2017 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren, en latere wijzigingen.

      Deze diensten kunnen gebeuren via een raamovereenkomst die CREAT CV sloot met de ondernemer Ahrend nv, Romboutsstraat 9, 1932 Sint-Stevens-Woluwe.

      De uitgave voor de opdracht “Kantoormeubilair - oktober 2025” wordt geraamd op € 66.000 incl. 21% btw (4 jaar).

      Gemeente Aartselaar is lid van opdrachtcentrale CREAT CV;

      De voordelen van instappen in een raamovereenkomst:

      -          Vooraf gekende productinformatie en prijzen.

      -          Zorgvuldig geselecteerde leveranciers en dienstverleners.

      -          Groot aanbod aan producten en diensten.

      -          Tijd- en kostenbesparend.

       

      De aankoopcentrale (in de zin van art. 2, 7° b) van de wet inzake overheidsopdrachten van 17 juni 2016) zorgt voor een unieke plaatsingsprocedure die de afnemers van de aankoopcentrale vrijstelt van de verplichting om zelf een plaatsingsprocedure te organiseren. Voor dit voordeel (vanuit de aankoopcentrale gecreëerd) is geen bijdrage in de werking van toepassing.

       

      Een visum van de financieel directeur zal gevraagd worden per afname boven € 10.000 incl. btw.

       

      De uitgave voor deze opdracht is voorzien in meerdere kredieten van het exploitatiebudget (voor kleine vervangingen) en in het investeringsbudget (voor grotere projecten).

      Artikel 1

      Toe te treden tot de raamovereenkomst ‘Kantoormeubilair - oktober 2025’ van CREAT.

      Deze opdracht werd gegund aan Ahrend nv, Romboutsstraat 9, 1932 Sint-Stevens-Woluwe.

       

      Artikel 2

      De betalingen zullen gebeuren met het krediet ingeschreven in het exploitatiebudget (voor kleine vervangingen) en in het investeringsbudget (voor grotere projecten).

    • Goedkeuring van de werkingssubsidies voor jeugdverenigingen, werkingsjaar 2024-2025.

      Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

      Het meerjarenplan (2020-2025), goedgekeurd door de gemeenteraad d.d. 16 december 2019 en latere wijzigingen.

      De ingediende subsidieaanvragen van volgende jeugdverenigingen:

      • CHIRO AKKEFIETJE
      • CHIRO ECHO
      • SCOUTS 92e vzw
      • GIDSEN SINT-JAN vzw
      • AKABE TOETERTOE vzw
      KLJ AARTSELAAR vzw diende geen subsidieaanvraag in voor het werkingsjaar 2024-2025. Hun activiteiten zijn dan ook stilgelegd.
       
      De subsidies voor jongeren voor het volgen van kadervorming.

      De gemeentelijke jeugddienst heeft deze subsidieaanvragen, volgens de voorziene verdeling en het voorziene begrotingskrediet, verwerkt. In toepassing van het geldende reglement kent de gemeentelijke jeugdraad de werkingssubsidies, werkingsjaar 2024-2025, als volgt toe:

      Vereniging   Kampsubsidie Werkingssubsidie Totaal (€)
      CHIRO AKKEFIETJE  € 2.500,00  € 5.889,97  € 8.389,97
      CHIRO ECHO  € 2.500,00  € 3.866,24  € 6.366,24
      SCOUTS 92e vzw  € 2.500,00  € 7.611,65  € 10.111,65
      GIDSEN SINT-JAN vzw  € 2.500,00  € 10.632,15  € 13.132,15

      De gemeentelijke jeugdraad bracht op 7 oktober 2025 een positief advies uit voor de uitbetaling van de subsidies aan de vermelde jeugdverenigingen. Daarnaast adviseert de jeugdraad om AKABE TOETERTOE vzw op te nemen in de lijst van jeugdverenigingen die in aanmerking komen voor een werkingstoelage in het nieuwe subsidiereglement, en om voor het betreffende werkingsjaar reeds een bedrag van € 500,00 toe te kennen. AKABE TOETERTOE vzw richt zich op kinderen en jongeren die geen aansluiting vinden bij reguliere jeugdbewegingen en diende een subsidiedossier in voor het voorbije werkjaar. De werking staat open voor Aartselaarse kinderen met een beperking en telt ook enkele leden in de leiding uit Aartselaar. Tot slot bevestigt de gemeentelijke jeugdraad het bestendigen van de lopende nominatieve subsidie aan de JAS.

      Los van het advies van de gemeentelijke jeugdraad neemt de gemeentelijke jeugddienst ook de toekenning van de subsidie voor kadervorming op in het overzicht. Deze subsidie ondersteunt jongeren die een erkende vorming volgen met het oog op een engagement binnen het jeugdwerk.

        Totaal (€)
      AKABE TOETERTOE vzw  € 500,00
      JAS vzw

       € 4.000,00

      Subsidie voor kadervorming

       € 2.000,00

      De uitgave voor het uitbetalen van de werkingssubsidies, werkingsjaar 2024-2025, is voorzien in het exploitatiebudget van 2025, op budgetcode 2025/GBB-JEUGD/0750-00/6493000.

      Artikel 1

      De werkingssubsidies voor het werkingsjaar 2024-2025 worden toegekend aan de erkende jeugdverenigingen als volgt:

      Vereniging   Kampsubsidie Werkingssubsidie Totaal (€)
      CHIRO AKKEFIETJE  € 2.500,00  € 5.889,97  € 8.389,97
      CHIRO ECHO  € 2.500,00  € 3.866,24  € 6.366,24
      SCOUTS 92e vzw  € 2.500,00  € 7.611,65  € 10.111,65
      GIDSEN SINT-JAN vzw  € 2.500,00  € 10.632,15  € 13.132,15

      Artikel 2

      Er wordt een subsidie van € 500,00 toegekend aan AKABE TOETERTOE vzw voor het werkingsjaar 2024-2025.

      Artikel 3

      De lopende nominatieve subsidie van € 4.000,00 aan JAS vzw wordt bestendigd.

      Artikel 4

      De subsidie voor kadervorming ten bedrage van € 2.000,00 wordt bestendigd. Deze subsidie ondersteunt jongeren die een erkende vorming volgen met het oog op een engagement binnen het jeugdwerk.

      Artikel 5

      De uitgave voor het uitbetalen van bovenstaande subsidies is voorzien in het exploitatiebudget van 2025, op budgetcode 2025/GBB-JEUGD/0750-00/6493000.

    • Instructies bij noodgevallen tijdens evenementen. Evaluatie na incident zomer 2025. Kennisname.

      Tijdens de ATA Zomerhappening deze zomer vond volgend incident plaats: 

      Tijdens het evenement werd een bezoeker plotseling onwel op één van de aanwezige kramen. Onmiddellijk belden attente omstaanders de hulpdiensten en werden ter plaatse de eerste zorgen toegediend door aanwezigen. Ook het Rode Kruis kwam ter hulp. Na ongeveer 10 minuten werden de zwaailichten van de ambulance waargenomen ter hoogte van het oude gemeentehuis. Dit voertuig geraakte door de wegversperringen niet onmiddellijk tot bij de patiënt, waarna een alternatieve route diende gezocht te worden. Na nog eens 10 minuten later kwamen de ambulanciers te voet met de brancard ter plaatse om gespecialiseerde medische hulp te bieden aan de patiënt. Het voertuig moest worden achtergelaten in de omliggende straten. Zowel de organisatie, het Rode Kruis als de politiediensten hebben het nodige gedaan om de ambulance zo spoedig mogelijk tot bij de patiënt te brengen, doch het was duidelijk dat de wegomleiding voor de hulpdiensten niet duidelijk (genoeg) was en faalde … Tussen het tijdstip van de eerste telefonische oproep en de aankomst van de hulpdiensten ter plaatse zaten +/- 20 minuten. In een acute situatie is dit veel te lang en kan dit dodelijk aflopen.

      Ieder1 vroeg aan het gemeenbestuur uitleg rond de procedures bij evenementen in het kader van veiligheid en bereikbaarheid door de hulpdiensten bij calamiteiten met het oog op de komende zomerevenementen.

      De evenementencel geeft volgende verduidelijking, alsook een evaluatie van het incident tijdens de ATA zomerhappening:

       

      1. Algemene organisatie en overlegstructuur

      Bij elk evenement in Aartselaar vindt overleg plaats met de betrokken hulpdiensten en, waar mogelijk, met de standhouders. 
      Voor de kerstmarkt is er minstens één voorbereidende vergadering voorzien, waarin onder meer afspraken worden gemaakt over prijzen, elektriciteit, vuurgebruik, verlichting en muziek. Voor de jaarmarkt daarentegen is voorafgaand overleg met standhouders niet haalbaar, aangezien deze van over heel België komen. Wel ontvangen alle standhouders en jobstudenten op de dag zelf een informatiebundel met praktische richtlijnen, afspraken over standplaatsing, afvalverzameling, wegrijroutes en een lijst met noodnummers.

      Er wordt voorgesteld deze map verder uit te breiden met duidelijke vermelding dat standhouders na het verwittigen van de hulpdiensten bij een incident, onmiddellijk contact moeten opnemen met een van de coördinatoren, waarvan de contactgegevens in het vet worden weergegeven bovenaan het overzicht met noodnummers. Dit bevordert de interne communicatie tijdens noodsituaties.

      2. Beschikbaarheid van veiligheidsinformatie

      Elke organisator van een publiek evenement op openbaar domein is verplicht een veiligheidsdraaiboek op te maken, met o.a. grondplan, veiligheidsattesten, verantwoordelijken, vluchtwegen en nooduitgangen, wat te doen in een aantal specifieke noodsituaties (bij heet weer, bij storm, bij brand, bij ontploffing, bij diefstal, bij verloren gelopen kinderen ed). Dit wordt nagekeken door politie, brandweer, dienst noodplanning, evenementencel. Dit is de basis voor het advies dat zij geven aan het college van burgemeester en schepenen. 
      Het volledige veiligheidsdraaiboek wordt doorgaans niet verspreid onder standhouders, aangezien dit veel operationele informatie bevat die voor hen niet relevant is. De essentiële veiligheids- en noodnummers worden echter wel voorzien in de praktische infomap. 

      3. Analyse van het incident tijdens ATA Zomerhappening

      Tijdens ATA Zomerhappening deed zich een incident voor waarbij een bezoekster onwel werd. De organisatie (ATA) en de veiligheidscoördinator hebben snel en adequaat gereageerd. Het Rode Kruis Aartselaar was reeds ter plaatse en schakelde de ambulance in. In overleg met de coördinator werd afgesproken dat de ziekenwagen via parking Kapellehof zou binnenrijden, en alle obstakels op dat traject werden verwijderd.

      Ondanks deze voorzorgsmaatregelen nam de ambulance echter een andere route via de Lindelei, vermoedelijk omdat de bestuurder de GPS-instructies volgde in plaats van de richtlijnen van de noodcentrale 112 Antwerpen. Dit leidde tot tijdelijke verwarring, maar de hulpdiensten bereikten alsnog snel de patiënt. De noodcentrale bevestigde nadien dat de juiste route via de radio was doorgegeven, doch zij niet steeds in de hand hebben of de bestuurder van de ziekenwagen deze ook effectief volgt.

      Conclusie: ATA had voorafgaand contact met politie, brandweer en het Rode Kruis. Alle instanties gaven een positief advies en waren goed voorbereid. Het Rode Kruis had bovendien een centrale stand met een interventiewagen, strategisch opgesteld voor een snelle reactie. Toch blijkt uit dit incident dat er structurele afhankelijkheid blijft van de beslissingen van de aanrijdende hulpdiensten. Zelfs met de juiste communicatie kunnen externe factoren zoals GPS-navigatie voor afwijkingen zorgen.

      4. Verbeterpunten en toekomstige maatregelen

      • Communicatie met navigatiesystemen: Er wordt onderzocht of de politiezone Hekla via Waze of vergelijkbare platforms wegafsluitingen kan doorgeven tijdens evenementen. Zo kunnen hulpdiensten en bezoekers correct worden geleid.

      • Uniforme informatie voor externe organisatoren: Externe organisatoren van grotere evenementen zullen voortaan verplicht worden een lijst met noodnummers te verspreiden onder hun standhouders, foodtrucks en tapwagens.

      • Duidelijke coördinatie-instructies: In alle infomappen zal voortaan worden benadrukt dat standhouders na het contacteren van de hulpdiensten ook onmiddellijk de evenementencoördinator verwittigen.

      • Evaluatie en bijsturing: Elk incident, hoe klein ook, wordt besproken met de dienst noodplanning en de betrokken hulpdiensten om de procedures verder aan te scherpen.

      5. Conclusie

      De veiligheidsorganisatie rond evenementen in Aartselaar is degelijk en gebaseerd op nauwe samenwerking tussen gemeentelijke diensten, hulpdiensten en organisatoren. Het voorval tijdens de ATA zomerhappening toont echter aan dat zelfs bij een correcte uitvoering, onvoorziene situaties kunnen ontstaan door externe factoren.

      Volledige uitsluiting van incidenten is onmogelijk, maar door voortdurende evaluatie, heldere communicatie en samenwerking met alle betrokken partijen proberen we de kans op incidenten zo klein mogelijk te houden.

      Enig artikel

      De gemeenteraad neemt kennis van de procedure bij evenementen in het kader van veiligheid en de bereikbaarheid door de hulpdiensten bij calamiteiten, alsook van de evaluatie van het incident tijdens ATA Zomerhappening afgelopen zomer.

    • Arbeidsreglement Cade. Wijziging.

      Het decreet lokaal bestuur d.d. 22.12.2017, zoals laatst gewijzigd, in het bijzonder artikel 40.

      Arbeidsovereenkomstenwet van 3 juli 1978.

      Het arbeidsreglement, van toepassing op het onderwijzend personeel van de kleuter- en basisschool Cade, dient geactualiseerd te worden.

      De inrichtende macht wenst enkele wijzigingen door te voeren. Deze werden besproken in het overlegcomité OCSG van 16.10.2025.

      De voornaamste wijzigingen zijn op basis van het model van het OVSG.

      Het bestuur heeft een voor akkoord getekend protocol mogen ontvangen van ACOD.

      Enig artikel

      Het arbeidsreglement van Cade, zoals gevoegd in bijlage, goed te keuren.

    • Huishoudelijk reglement OCSG, scholengemeenschap sOm. Wijziging.

      Het decreet lokaal bestuur d.d. 22.12.2017, zoals laatst gewijzigd, in het bijzonder artikel 40.

      Het huishoudelijk reglement, van toepassing op het OCSG van de scholengemeenschap sOm, dient geactualiseerd te worden.

      De inrichtende macht wenst enkele wijzigingen door te voeren. Deze werden besproken in het overlegcomité OCSG van 16.10.2025.

      De voornaamste wijzigingen zijn op basis van het model van het OVSG.

      Het bestuur heeft een voor akkoord getekend protocol mogen ontvangen van ACOD.

      Enig artikel

      Het huishoudelijk reglement, van toepassing op het OCSG van de scholengemeenschap sOm, zoals gevoegd in bijlage, goed te keuren.

    • Huishoudelijk reglement beheerraad scholengemeenschap sOm. Wijziging.

      Het decreet lokaal bestuur d.d. 22.12.2017, zoals laatst gewijzigd, in het bijzonder artikel 40.

      Het huishoudelijk reglement, van toepassing op de beheerraad van de scholengemeenschap sOm, dient geactualiseerd te worden.

      De inrichtende macht wenst enkele wijzigingen door te voeren. Deze werden besproken in de beheerraad sOm van 16.10.2025.

      Enig artikel

      Het huishoudelijk reglement, van toepassing op de beheerraad van de scholengemeenschap sOm, zoals gevoegd in bijlage, goed te keuren.

  • Mondelinge vragen

    • Mondelinge vraag ingediend door raadslid Kris Wils (onafhankelijk) m.b.t. "Archeologisch vooronderzoek Laar/Klein Laar"

      Er werd gestart met een archeologisch onderzoek.

      Op basis van de resultaten kunnen we ervan uitgaan dat een opgraving geadviseerd zal worden, zeker voor de zone rond de kerk.

      Of dit advies ook voor het volledige onderzoeksgebied zal gelden, kunnen we pas bevestigen na ontvangst van het rapport van de archeologen.

      Indien er onduidelijkheden of twijfels zijn, kunnen we contact opnemen bij Onroerend Erfgoed voor het dossier officieel wordt ingediend.

      Eens het rapport is ingediend en door Onroerend Erfgoed goedgekeurd, is het immers te laat om nog wijzigingen aan te brengen.

      Indien er nog opgravingen nodig zijn dan draagt de gemeente de kosten, die ondertussen ingeschreven werden in onze MJP.

      Alle komende werken zouden we uiteraard ruim voor de echte rioleringswerken laten plaatsvinden om die werken niet in het gedrang te brengen.

      Vragen:

      • Wat is het resultaat van het archeologische onderzoek?
      • Opgravingen dienen betaald te worden door de gemeente. Welk bedrag is er in het MJP voorzien?
      • Wanneer is de start voorzien en duurt de werkperiode?

       

      Antwoord van schepen Anouk Beels (N-VA):

      Op basis van het lopende onderzoek bevestigde de projectverantwoordelijke van ABO dat het uitvoeren van archeologische opgravingswerken wordt geadviseerd. De aanwezigheid van menselijke resten vormt daarbij een doorslaggevende factor. Het definitieve rapport volgt nog, maar de voorlopige conclusies wijzen duidelijk in de richting van een noodzakelijke opgraving. 

      Opgravingen dienen betaald te worden door de gemeente. Welk bedrag is er in het MJP voorzien? In het meerjarenplan werd reeds een bedrag voorzien voor archeologisch onderzoek en eventuele opgravingen. Dit zal worden gecommuniceerd als onze MJP wordt afgeklopt. 
      Ondertussen werd Erfgoed Vlaanderen gecontacteerd om na te gaan of de gemeente in aanmerking komt voor subsidies. Gezien de aanwezigheid van menselijke resten is dit effectief het geval. De concrete subsidiepercentages en voorwaarden worden nog meegedeeld, maar het vooruitzicht op financiële ondersteuning is gunstig. 

      Een exacte startdatum en doorlooptijd kunnen momenteel nog niet worden vastgelegd. ABO geeft aan dat dit afhankelijk is van de uiteindelijke diepteligging van de menselijke resten en van de vraag of deze in situ behouden kunnen blijven. 

      Indien voldoende buffer aanwezig is tussen de resten en de geplande werken, kan behoud ter plaatse mogelijk zijn. Indien dit niet haalbaar blijkt, zal een volledige opgraving noodzakelijk zijn, wat een langere uitvoeringsperiode impliceert.  Op dit ogenblik blijft de timing dus onzeker, in afwachting van verdere technische analyses door ABO. 

    • Mondelinge vraag ingediend door raadslid Kris Wils (onafhankelijk) m.b.t. "Fietspaden van Aartselaar"

      In 2013 werd het vorige bestuur verantwoordelijk gesteld voor de negatieve staat van de fietspaden.

      In 2023, tien jaar later was het resultaat  4 op 10 en nu scoort Aartselaar in het rapport van VeloVeilig Vlaanderen 5,1 op 10 voor fietsveiligheid.

      Dat het moeilijk is om alles in orde te brengen begrijp ik maar de staat van de wegen in Solfdreef, Langlaarsesteenweg, Kapellestraat, Laar, Jan Davidlaan,

      Leon Gilliotlaan, Reetsesteenweg enz… zijn toch niet in orde.

      Wanneer mogen de nieuwe fietspaden in o.a. Borrekenslaan, Langlaarsesteenweg, Reetsesteenweg, Kapellestraat verwachten?

      De vraag voor het invoeren van enkel richtingsstraten is een verbetering voor de veiligheid van de fietsers. Waarom is men daar nooit op ingegaan?

      Vraag:

      • Kan je me de gevraagde bedenkingen / toelichtingen  beantwoorden?

       

      Antwoord van schepen Bart Lambrecht (N-VA):

      De beoordeling van VeloVeilig is het initiatief van een krant. Dat dient toch wat in perspectief gezet te worden. Mensen konden daar anoniem via het internet een straat beoordelen. Voor Aartselaar zijn er amper 60 beoordelingen geweest voor 33 straten. Onze gemeente telt echter meer dan 100 straten. Als je de kaart van VeloVeilig bekijkt, zijn het vooral de grote, drukkere verkeersassen die een beoordeling hebben gekregen. Talrijke kleinere, aantrekkelijkere woonstraten in onze woonwijken, vaak ook geknipt voor autoverkeer en met doorlopende straten voor fietsers en voetgangers, hebben geen beoordeling ontvangen. Bovendien zijn er van de gekeurde straten maar een beperkt aantal straten die 3 of 4 beoordelingen hebben ontvangen. Dat maakt dat de meeste van de 33 gekeurde straten ook de subjectieve beoordeling zijn van letterlijk één inwoner. En zelfs lang niet elke grote verkeersas heeft een beoordeling gekregen. Straten als Bist of Dijkstraat, die onder dit gemeentebestuur veel fietsveiliger zijn ingericht, ontbreken bijvoorbeeld. Mensen zijn nu eenmaal ook sneller geneigd om een straat te beoordelen waarvan ze niét tevreden zijn. En de slechtst beoordeelde straat, traditioneel de fietspaden van de Boomsesteenweg, vallen ook niet onder gemeentelijke bevoegdheid. 

      Dat alles zet de totale eindscore van 5,1/10 in perspectief. En zo zijn er nog initiatieven, ik denk aan het Fietsrapport van de VSV of de straatbeoordelingen van Straatvinken. Telkens worden daar rapporten op basis van de anonieme input van amper 50 a 60 mensen uit gedistilleerd. Sinds het laatste Fietsrapport van de VSV weten we zelfs dat er daar wat kwaadwillige invullers bij zijn en dat 13% van alle enquêtes op eender welke vraag met een 0 werd ingevuld. Dat is dat rapport van de 4/10 waar u naar verwijst en ik heb de gemeenteraad van vorige legislatuur al herhaaldelijk toegelicht wat daar is foutgelopen 

      U haalt ook de verschillende rapporten door elkaar om de evolutie van cijfers te vergelijken. Naast de reeds opgesomde beoordelingen is er namelijk ook een veel intensievere beoordeling door de Fietsersbondafdelingen van de Antwerpse Zuidrand. Met gespecialiseerde mensen en met heldere criteria beoordelen zij gedurende circa een half jaar het fietsbeleid in de gemeenten van de Antwerpse Zuidrand op een vergelijkbare manier. Dat zijn wél heel nuttige rapporten die weergeven waar de knelpunten liggen en die een graadmeter zijn over het daadwerkelijke fietsbeleid in een gemeente. 

      En het klopt dat dat cijfer eind 2012, onder mijn voorgangers, dramatisch was. Aartselaar werd toen verkozen als gemeente met het slechtste fietsbeleid. De jaren nadien hebben we dat rechtgetrokken en heeft Aartselaar daar positieve scores en vermeldt de Fietsersbond ons als de gemeente die de grootste stappen voorwaarts heeft gezet. 

      Wat uw concrete vragen betreft, is de aanbesteding in de Solhofdreef vorige maand op deze gemeenteraad gekomen en hebben wij gegund in het CBS van 10 november. 

      Wanneer en voor welk budget de andere straten die u aanhaalt worden uitgevoerd, zal in december op de gemeenteraadscommissie en de gemeenteraad worden voorgesteld wanneer het meerjarenplan 2026-2031 wordt voorgesteld. Ik kan daar nu geen voorafname op doen. 

      In de algemene beoordeling van VeloVeilig, voor gans Vlaanderen, staat inderdaad dat een fietsscore kan verbeteren door straten te knippen of enkelrichting te maken. U zegt dat we daar nooit op zijn ingegaan, maar dat is toch wel een loopje met de werkelijkheid. Straten als Carillolei, della Faillelaan, G. Gezellestraat, Hoevelei, Koekoekstraat of Buerstedelei werden allemaal minstens deels enkelrichting, hoofdzakelijk ter bevordering van de algemene verkeersveiligheid, fietsbeleving en verkeersveiligere schoolomgeving. Ik herinner me echter nog dat u het met die maatregelen in Carillolei en della Faillelaan zwaar oneens was. 

      We hebben ook al straten geknipt ter bevordering van het fietsverkeer. Denk maar aan Halfstraat, Groenenhoek of recent nog de Lindelei. Een L. Gilliotlaan wordt dan weer 2x per schooldag geknipt in kader van de schoolstraat. 

      Het klopt dus niet dat ons bestuur nog nooit zulke maatregelen heeft genomen. 

      Maar ik ga vanzelfsprekend wel niet élke straat morgen plots knippen of enkelrichting maken. Straten hebben ook een verkeersfunctie voor auto’s. Ons gemeentelijk mobiliteitsplan blijft daarvoor onze leidraad. En ik ga zeker niet willekeurig experimenteren met straten enkelrichting te maken, want daarvoor zit de erfenis begin 2013 in wijk Koekoek, een pijnlijk cadeau van het vorige bestuur, nog altijd te zeer in mijn geheugen gegrift. 

    • Mondelinge vraag ingediend door raadslid Kris Wils (onafhankelijk) m.b.t. "Lokale Omgevingsanalyse Alcohol en Drugs Aartselaar (Alcohol, Psycho-actieve medicatie, Gamen, Gokken, Cannabis, andere illegale drugs )"

      Het lokaal bestuur Aartselaar wil het alcohol- en drugbeleid stevig onderbouwen met objectieve gegevens en signalen uit het werkveld. Daarom werd, in samenwerking met het Vlaams expertisecentrum Alcohol en andere Drugs (VAD) en het Centrum Geestelijke Gezondheidszorg De Pont (CGG), een lokale omgevingsanalyse uitgevoerd.

      Het beleid moet zich primair richten op jongeren, gezinnen en ouderen, zonder andere doelgroepen uit te sluiten.

      - Jjeugdwerk, welzijn en uitgaan zijn topprioriteiten, met aanvullende rollen voor sport, onderwijs, politie en gezondheidszorg.

      De nadruk ligt op preventie, aangevuld met toegankelijke hulpverlening en samenwerking met politie en welzijn.

      Conclusie

      De omgevingsanalyse maakt duidelijk dat de gemeente Aartselaar in haar drugbeleid vooral moet inzetten op alcohol, gamen en cannabis, met de doelgroepen jongeren, gezinnen en ouderen centraal. De klemtoon ligt op preventie, aangevuld met vroeginterventie en samenwerking tussen sectoren.

      Dit verslag is geen beleidsplan, maar een leidraad voor de verdere uitwerking van het gemeentelijk beleid. De lijst is niet limitatief en kan in de toekomst verder aangevuld worden. Het document wordt ter kennisname voorgelegd aan het College van Burgemeester en Schepenen (CBS) en vormt de basis voor toekomstige beleidsontwikkeling en concrete acties. Daarbij geldt dat we enkel aangeven of een actie belangrijk is; dit zegt niets over de haalbaarheid of slaagkans van die actie. Bovendien is niet alles realiseerbaar op lokaal niveau, aangezien ook andere factoren meespelen.

      Vragen:

      • Is dit voor het CBS enkel een kennisname?
      • Dit is geen beleidsplan maar een leidraad voor de verdere uitwerking. Worden er geen onmiddellijke acties ondernomen? 

       

      Antwoord van schepen Hilde Heyman (N-VA):

      Deze omgevingsanalyse is effectief een kennisname door het college van burgemeester en schepenen. De toelichting van deze omgevingsanalyse is gegeven aan de stakeholders welke de bevraging hebben ingevuld (jeugd, gezondheidswerkers, politie, onderwijzend personeel, sportdienst...). Op onze volgende vergadering zullen we mogelijke acties bespreken en voorstellen, in overleg met bepaalde diensten/organisaties en met goedkeuring van het schepencollege. 

      Als werkgroep zetten wij voornamelijk in op haalbare preventieve acties zoals het geven van vormingen aan jongeren, ouders, senioren, scholen en horeca, het maken van afspraken zoals vb. het opmaken van een charter met jeugdverenigingen, seniorenverenigingen, sportverenigingen...  

      Het spreekwoord beter voorkomen dan genezen is ook in deze werkgroep van toepassing, vandaar deze sensibilisering naar de verschillende doelgroepen in onze gemeente. Op deze manier trachten we om zoveel mogelijke verslaving te voorkomen door voldoende informatie op voorhand aan te bieden. Volg onze activiteitenkalender de volgend jaren! 

    • Mondelinge vraag ingediend door raadslid Rudy Siebens (Samen NAP) m.b.t. "Bezorgdheid rond de beveiliging van de nieuwe speeltuin"

      We hebben dit in het verleden ook al eens op de agenda geplaatst maar de veiligheid van onze kinderen is een prioriteit vandaar dat we er nog eens op terugkomen. Aanleiding van onze vraag nu is dat er onlangs toch wel enkele onveilige situatie's zich hebben voorgedaan in de speeltuin en dan vooral rond het water daar. Dit is ook gemeld aan het e-loket Aartselaar. Ook iedereen 1 heeft de vraag gesteld en toen is er actie genomen om een omheining te plaatsen toch is dit blijkbaar onvoldoende. 

      Vraag:

      Vinden wij als gemeente dat we dit moeten herzien en zullen we dit dan ook doen? 

       

      Antwoord van schepen Mark Vanhecke (N-VA):

      Tijdens de opmaak van het bufferbekken werd beslist om er meer mee te doen dan alleen maar een rechthoekige buffer, zoals achter de sporthal. Er werd een bufferbekken voorzien dat ook toegankelijk zou zijn voor wandelaars en een koppeling kreeg met het sportcentrum. Er werden trage wegen en vlonders aangelegd binnen een landschappelijke omgeving. Dat laatste is belangrijk, omdat er binnen die visie geen afsluiting op de vlonders werd voorzien. 

      In een tweede fase werd de speeltuin ontwikkeld en werden de toestellen geplaatst in functie van leeftijd, maar ook van zicht, locatie en schaduw. Aangezien het leuk zou zijn om een waterpartij te voorzien voor spelende kinderen, werd een heuvel aangelegd met een ondiepe wateroversteek. 

      Met de komst van het water groeide het college en bij de administratie toch enige bezorgdheidDat werd doorgegeven aan de instantie bevoegd voor de keuring en bij de keuring van de speeltoestellen meldde de preventieadviseur dat het toch raadzaam was een afsluiting te voorzien op de vlonders, aangezien deze ter hoogte van de speeltuin een verbinding vormen tussen de verschillende speeltoestellen en daardoor onder de veiligheidsnormen voor speeltoestellen vallen. Dit gold oorspronkelijk slechts voor één vlonder, maar er werd door ons beslist om dit logischerwijs door te trekken naar alle vlonders.  

      Dit heeft absoluut NIETS te maken met een aanbeveling van eender welke politieke partij want de offertes werden voor die bemerking reeds opgevraagd.  

      Recent diende een moeder een klacht in omdat ze, vanuit ’t Dolfijntje, het bufferbekken gevaarlijk vond nadat haar kind in het water was gevallen en nat was tot aan de knieën. Nat tot op de knieën, dat was tot dan het enige incident. 

       

      Waarom een volledige afsluiting geen goed idee is: 

      • We moeten een zone van 3 meter rond het water vrijhouden voor onderhoud (regelgeving Pidpa). Daar een afsluiting plaatsen zou de onderhoudswerken bemoeilijken, zowel voor Pidpa als voor ons eigen onderhoud (o.a. maaien). 

      • De verantwoordelijkheid ligt nog steeds bij de ouders/begeleiders van de kinderen. Men kan niet verwachten dat de overheid een "nulrisicobeleid" voert. 

      • Denk aan de trap van ’t Sportzicht, waar ook een afscheiding nodig was. Dit hebben we opgelost met bloembakken in plaats van een hek. 

      • Ook bij de speeltuin werd een gelijkaardige aanpak gebruikt: we hebben bosplantsoen aangeplant tussen het terras van ’t Dolfijntje en het bufferbekken om een natuurlijke buffer te creëren. Een haag groeit echter niet op één maand. 

      • In het Solhof – een vergelijkbare situatie – werd een reddingsboei geplaatst. Ook daar is er geen volledige afsluiting. Het argument “maar daar staan geen speeltoestellen” klopt, maar er worden wekelijks activiteiten georganiseerd door jeugdverenigingen, sportkampen, speelpleinwerking, gezinnen met kleine kinderen … Er wordt in bomen geklommen en er is zelfs een niet-afgeschermde steiger. 

      • We moeten vermijden dat we een vals veiligheidsgevoel creëren: een hek nodigt vaak uit tot negeren of zelfs vandalisme. Voorbeelden zijn er genoeg. 

      • Het bufferbekken is zo aangelegd dat het watervolume gradueel stijgt van 10 cm naar 30 cm aan de randen, tot maximaal 1,10 m onder de vlonders (waar reeds een afsluiting voorzien is). Dat is vergelijkbaar met het ondiepe deel van een zwembad. 

      • Het plaatsen van honderden meters hekwerk zou het landschappelijk beeld volledig verstoren en een hek houdt kinderen die niet onder toezicht staan niet tegen. Bovendien zijn er meerdere poortjes nodig om het terrein toegankelijk te houden voor onderhoud. 

       

      Conclusie 

      Onze natuurspeeltuin, net zoals andere natuurspeeltuinen, denk bijvoorbeeld aan het park van Eeden te WilrijkPlanckendael of de Lilse Bergen (of verder weg, de Roompot), wil kinderen de kans geven om vrij te ontdekken, te spelen en te leren omgaan met de elementen in de natuur. Waterpartijen horen daar nu eenmaal bij. We begrijpen dat sommige ouders bezorgd zijn, maar het is niet haalbaar – en ook niet wenselijk – om elke plek waar water is volledig af te sluiten. In een natuurlijke omgeving blijven ouders altijd verantwoordelijk voor de veiligheid en het toezicht op hun eigen kinderen. 

      We kiezen daarom voor duidelijke signalisatie en sensibilisering, maar behouden het open karakter van de speeltuin, zodat kinderen kunnen blijven genieten van avontuurlijk en leerrijk spel.  

      Onze natuurspeeltuin is bovendien een prachtige ontwikkeling binnen een waardevol landschappelijk kader met een aanvaardbaar en berekend risico door de aanwezigheid van water. 

      • Ongevallen zullen helaas altijd mogelijk blijven, welke maatregelen er ook worden genomen. 

      • Er worden nog bijkomende waarschuwingsborden voorzien. 

      • Er worden ook nog extra aanplantingen uitgevoerd om sommige zones naar het water af te schermen 

      • Het is belangrijk om kinderen opnieuw weerbaar te maken en hen bewust te leren omgaan met risico’s. 

      • Het is jammer dat dit tot discussie leidt alsof ouderlijke verantwoordelijkheid niet bestaat. Als je met je kinderen naar de Noordzee gaat, blijf je, ook met de aanwezigheid van redders, als ouder toch ook verantwoordelijk voor je kinderen? Of moet gans de kustlijn afgezet worden?  

      • We hebben in Aartselaar nog andere speeltuinen zonder water in de buurt. Daar kan ook naar hartenlust gespeeld worden. 

    • Mondelinge vraag ingediend door raadslid Rudy Siebens (Samen NAP) m.b.t. "Slechte communicatie en signalisatie bij wegenwerken"

      Wij maken ons zorgen over de werkzaamheden in onze gemeente, vooral op de omleidingsroutes rond Kapellestraat en Reetsesteenweg. De signalisatie is verwarrend en updates komen te laat. We vragen om duidelijke informatie en het verwijderen van onnodige borden. Daarnaast blijft de verkeersveiligheid in de fietsstraten (Leon Gilliotlaan en Jan Davidlaan) problematisch: er wordt te hard gereden en de regels worden niet altijd nageleefd. Dit is extra zorgwekkend met de donkere dagen in aantocht en de aanwezige schoolomgeving. We dringen aan op snelle actie van de gemeente om de veiligheid en het comfort te verbeteren. Transparante communicatie en heldere signalisatie zijn cruciaal voor een veilige en vlotte doorstroming. Zeker als we weten dat bvb. de fietsstraat vandaag de dag eerder een hoofdstraat is geworden vanwege de werken. Wij maken ons dus zorgen over de verdere aanpak, vooral omdat dit momenteel slechts de voorbereidende nutswerken zijn. We hopen dat de communicatie en signalisatie bij de daadwerkelijke heraanleg beter zullen verlopen. Ook kaarten wij aan dat de werken al wat ellende hebben veroorzaakt namelijk: een tijd zonder elektriciteit, zonder water, geen internet.  

      Vragen:

      • Hebben wij zicht op hoeveel er ondertussen reeds stuk is gemaakt?
      • Welke acties zien jullie ter verbetering om de communicatie en de signalisatie aan te pakken? 
       
      Antwoord door schepen Hans Cops (N-VA):
      Ik begin graag bij de titel van jullie vraag: “ slechte communicatie en signalisatie bij wegenwerken. ” Dat is een stevige uitspraak. Ik mag hier gerust zeggen dat zowel onze communicatiedienst als onze deskundige openbare werken daarvan geschrokken zijn. Niet omdat alles perfect liep, dat zal ik nooit beweren, maar omdat die titel suggereert dat er slecht of onvoldoende gecommuniceerd is én dat klopt gewoon niet.  

      Onze communicatiedienst zat elke week op de werfvergaderingen. Er waren bewonersbrieven, een infomarkt, een uitgebreide webpagina, updates bij elke fasewissel via Hoplr, website en Facebook, aparte communicatie naar de handelaars en tussentijdse info over bereikbaarheid. Dat is geen slechte communicatie. Dat is communiceren in omstandigheden waar de realiteit soms sneller veranderde dan de officiële info die we kregen. Bewoners misten soms een wijziging omdat fases elkaar razendsnel opvolgden. Dat begrijp ik volledig. Het beeld dat er geen of slechte communicatie was, klopt niet. Zowel onze diensten als de aannemer hadden bovendien geregeld contact met de politiediensten om plotse aanpassingen te bespreken. 

      Dan het punt over hinder: momenten zonder water, zonder internet, zonder elektriciteit. Dat is vervelend, dat weet iedereen. De vraag  Hebben wij zicht op hoeveel er ondertussen reeds stuk is gemaakt?” is eerlijk gezegd vreemd geformuleerd. Er is niets spectaculairs gesloopt. Wat wel gebeurde: enkele reeds aanwezige, heel zwakke gaslekken kwamen boven toen de leidingen werden vrijgelegd. Er zijn enkele kabels overgetrokken bij graafwerken. Water en gas moesten af en toe afgesloten worden om nieuwe koppelingen te maken. Grote schadegevallen hadden we niet. Onvermijdelijke hinder wel. Dit is inherent aan werken waar alle nutsleidingen vernieuwd worden. In dit geval over meer dan drie kilometer in een zeer dicht bebouwd gebied dat op sommige punten smal is en waar veel verkeer door moet. Een dikke pluim dus voor deze ploeg én voor onze diensten die heel vaak schakelden. 

      Ik wil zelf wel nog één punt ter verduidelijking toevoegen dat in de straat leefde: de parkeerverbodsborden. In buurten met hoge parkeerdruk is dat een bron van frustratie. Die borden staan soms ruim op voorhand en ik begrijp waarom dat wringt. Dat heeft te maken met de planning van de overkoppelingsploegen die van werf naar werf schuiven, ook buiten de gemeentegrenzen. Als je te kort op de bal speelt kan een ploeg niet werken omdat er nog wagens staan en moet het werk weer uitgesteld worden. Voor bewoners is dat frustrerend. Voor ons ook. Binnen deze nutssector is het helaas wel logisch verklaarbaar. 

      Dam misschien wel het belangrijkste. Veel weggebruikers trekken zich van de signalisatie niets aan. Wij spreken aannemers aan als signalisatie niet klopt. Er zijn echter net zo goed bestuurders die perfect zien wat er staat en toch tegen mij zeggen: “Ja meneer, ik moet maar tien meter in de verkeerde richting en ik ben thuis, anders moet ik helemaal omrijden.” Of nog: “Ik trek mij er geen *** van aan, ***werken.” Dat gedrag maakt een werf echt chaotisch. Je kan de beste signalisatie van de wereld zetten. Als mensen ze negeren of naar eigen goeddunken verplaatsen, krijg je gevaarlijke situaties. 

      De Jan Davidlaan en Leon Gilliotlaan zijn een ander punt van zorg. Ze functioneerden deels en tijdelijk als omleidingsroute voor de nutswerken. We zien dat er te snel gereden wordt. Dat pakken we af en toe met de LIDAR en controles van de politie aan. Er is voldoende signalisatie, maar het gedrag van de mensen volgt nog niet altijd. 

      Tot slot: dit waren voorbereidende nutswerken met korte fases die elkaar snel opvolgden. Tijdens de echte werken worden die fases langer, duidelijker en verkeersluwer. Dat maakt communiceren en signaleren vanzelf beter. We nemen alle opmerkingen mee naar de volgende fase. Samen met het externe communicatiebureau, onze eigen communicatiedienst, de positiviteit van de middenstand en begripvolle inwoners kunnen we ook die werken zeker en vast tot een goed einde brengen. 

      Ik sluit graag af met een warme oproep. Spreek ons of onze diensten meteen aan als er ter plaatse iets fout loopt. Leg het concrete probleem uit en geef gerust al wat oplossingen. Achteraf vanaf de zijlijn zeggen wat er allemaal niet goed was, daar wordt helaas geen enkele werf beter van. 


    • Mondelinge vraag ingediend door raadslid Lea Den Abt (Samen NAP) m.b.t. "Ontbreken van bewegwijzering parking sportcentrum"

      Sinds de aanleg van de nieuwe parking, zijn er geen wegwijzers meer voorzien naar alle sportinfrastructuren en dergelijke. Jeugdhuis, sporthal, Dok 3, atletiek, tennis, padel, voetbal, petanque, natuurspeeltuin, sportzicht ...

      Dit geeft problemen voor personen die bvb iemand moeten gaan afhalen en niet echt weten waar de verschillende zaken te vinden zijn. Ze rijden op de parking en weten niet echt welke kant ze uit moeten gaan.

      Vraag:

      • Graag hadden we de bewegwijzering terug voorzien voor alle accommodaties. Gaat dit teruggeplaatst worden en zo jan wanneer? 
       
      Antwoord van schepen Bart Lambrecht (N-VA):
      U haalt een terecht punt aan. Met alle hervormingen op het sportcentrum en de recente opening van de nieuwe en uitgebreide parking, is het voor veel mensen nog wat zoeken.  

      Sinds deze zomer is onze sportdienst bezig met de opmaak van de signalisatieborden. Midden september heb ik zelf ook al mijn feedback gegeven op de ontwerpen van signalisatie. 

      Samen met de dienst Mobiliteit zijn die daarna ook voorgelegd aan een externe specialist wegcode, zeker om te weten of de bebording aan onze nieuwe trage wegen correct is. Die feedback is nu binnen en wordt rond deze periode nog verder behandeld door de diensten Mobiliteit en Sport, waarna alle bebording kan worden afgeklopt en in bestelling kan gaan. 

      De datum van plaatsing zal afhankelijk zijn van de leverperiode van de leverancier, dus daar kan ik momenteel nog geen details over meegeven. Weet alleszins dus wel dat de signalisatie er weldra komt en onze administratie er volop aan werkt. 


    • Mondelinge vraag ingediend door raadslid Rudy Siebens (Samen NAP) m.b.t."Sluikstorten langs A12 aan bushalte"

      Aan een bushalte aan de A12 ter hoogte van Lindenbos vinden we de laatste tijd afval dat daar wordt achtergelaten.

      Onlangs zelfs zakken waarop staat vermeld “medisch afval” of er werkelijk medisch afval in zat weten we niet.

      Toch is daar een serieuze bezorgdheid rond en ook sluikstorten willen we niet.

      Vraag:

      • Gaan we hier iets ondernemen als bestuur en zo ja wat dan juist?

       

      Antwoord van schepen Hans Cops (N-VA):

      Sluikstort aan de A12 is helaas geen nieuw probleem. De twee bushaltes ter hoogte van Lindenbos – één richting Antwerpen, één richting Brussel – zijn al jaren onze meest gevoelige plekken. Dat heeft veel te maken met de ligging: je kan er snel in- en uitrijden, je bent beschut tussen vrachtwagens er is weinig sociale controle en vroeger stonden er textielcontainers die nog extra afval aantrokken. 

      Die containers zijn we intussen kwijt, en dat heeft al duidelijk geholpen. Maar de structurele oplossing ligt vooral bij AWV en De Lijn. We pleiten al heel lang om de parkeerstroken daar om te zetten in een volwaardige busstrook. Dat haalt heel wat problemen tegelijk weg: je kan er niet meer even stoppen om vuil te dumpen, vrachtwagens gebruiken de plek niet langer als schuilzone, chauffeurs laten minder rommel achter, bussen halen beter hun tijden en wijk Lindenbos geraakt veiliger en vlotter de A12 op. Kortom, we blijven het bij AWV elke keer weer aanhalen en hopen dat ze dit eindelijk opnemen. 

      Intussen doen we wel wat we kunnen. Onze ploegen ruimen het sluikstort en zwerfvuil zo snel mogelijk op. Zakken worden gecontroleerd door de gemeenschapswacht in de hoop persoonsgegevens te vinden. Af en toe lukt dat. De laatste grote sluikstorter bleek zelfs een “vaste klant” uit het Antwerpse te zijn, iemand die eerder al werd beboet én met een stapel onbetaalde facturen. Je voelt meteen dat dit dweilen met de kraan open is. 

      Omdat dit geen dankbare taak is, heeft onze gemeenschapswacht opnieuw aan OVAM gevraagd of zij hierin konden ondersteunen. Het antwoord was negatief. Al hebben we via de OVAM al wel geruime tijd wat extra zwerfvuilteams in Aartselaar rondlopen, o.a. langsheen de N177. In de nieuwe meerjarenplanning willen we daarom extra middelen voorzien om mogelijks met sluikstortcameras te werken, al moeten we eerlijk zijn: ook dat is geen wondermiddel. 

      Wat helpt intussen wél? Meldingen. Via de Mooimakers-app “Mijn Mooie Straat” krijgen wij meldingen onmiddellijk binnen en kunnen onze diensten snel reageren. Vuil trekt vuil aan, dus snelheid maakt echt een verschil. En wie zelf een stuk zwerfvuil wil mee oprapen: dat maakt meteen de grootste impact, hoe weinig je ook opruimt. 

    • Mondelinge vraag ingediend door raadslid Eddy Bal (Vlaams Belang) m.b.t. " IGEAN/ zwarte huisvuilcontainer"

      Omwille van de hoeveelheid afval, eigen aan hun onderneming, zullen ondernemers voor het recycleren dan ook gebruik maken van een grotere afvalcontainer. Zij sluiten een contract af met een containerdienst naar keuze.

      In die grote container wordt in de praktijk ook het gewone huisvuil gedaan. De containerdienst haalt volgens afspraak de gevulde afvalcontainer op en sorteert daarna.

      De zwarte huisvuilcontainer van IGEAN wordt zo niet meer gebruikt maar de huur wordt wel aangerekend.

      Vragen:

      • Is elke inwoner van Aartselaar verplicht om een zwarte huisvuilcontainer te hebben?
      • Is het mogelijk om een eerder door IGEAN geleverde huisvuilcontainer te laten terugnemen door IGEAN, zodat er geen huur, hoe klein ook het bedrag is, meer betaald moet worden voor een container die niet gebruikt wordt.
      • Hoe gebeurt het aanrekenen voor het ophalen van huisvuil in grotere woonblokken, waar gemeenschappelijke containers door meerdere bewoners gebruikt worden?

      Antwoord van schepen Hans Cops (N-VA):

      Eerst en vooral: niet elke inwoner van Aartselaar is verplicht om een huisvuilcontainer te hebben, maar wel elk gezin dat in ons bevolkingsregister staat ingeschreven. De verplichting volgt dus de woonfunctie, niet de bedrijfsactiviteit. Pure ondernemingen zonder woonst krijgen geen verplichte container. Tenzij ze er zelf één aanvragen, wat soms gebeurt bij kleine zelfstandigen. 

      De volgende vraag is of een grijze container kan worden teruggenomen wanneer een ondernemer vooral een grote bedrijfscontainer gebruikt. Het antwoord is eenvoudig: nee. Op elk adres waar een gezin officieel woont, hoort een grijze diftarcontainer gebruikt te worden omdat iedereen huisvuil produceert.  
       
      We kunnen die container dus niet terugnemen, ook al kiest iemand ervoor om zijn afval grotendeels via een privé-ophaler te laten meenemen. Wettelijk gezien blijven dat twee gescheiden afvalstromen: huishoudelijk afval hoort in de huisvuilcontainer, bedrijfsafval in de bedrijfscontainer. In theorie moet de private ophaler dat weigeren. In de praktijk gebeurt dat zelden, maar dat mag natuurlijk geen argument zijn om de regelgeving te negeren. De enige tip die ik dan toch kan meegeven is een grote container om te wisselen in een kleine. Dat kost je voor een huisvuilcontainer maar 3,6 euro per jaar in plaats van 12 euro. De servicekost van een GFT-container is vanaf 2026 de heft goedkoper. Opgelet een wissel kost wel 15 euro. 

      Dan de vraag over grote woonblokken. Daar wordt soms gewerkt met gemeenschappelijke containers. Het voorschot voor ledigingen wordt betaald door de VME of syndicus. De interne doorrekening naar de bewoners is een kwestie van mede-eigendom en dus “interne keuken”; dat ligt buiten het gemeentelijk beleid. 


    • Mondelinge vraag ingediend door raadslid Eddy Bal (Vlaams Belang) m.b.t. "Restauratie van de Heimolen"

      Tijdens de gemeenteraad van maart stelde Vlaams Belang de vraag wat de inwoners van Aartselaar terugkrijgen voor het bedrag van 100.000 euro, voorzien in het budget van 2025, voor werken aan de Heimolen.

      In april nam Aartselaar in samenwerking met Kempens Landschap de beslissing om een architect aan te stellen. Zijn opdracht zou bestaan in het opmaken van een vergelijkend onderzoek, incl. budgettering, tussen demontage, heropbouw en restauratie op het huidige perceel en een demontage, heropbouw en restauratie op een nieuw perceel met meer windopvang.

      Vlaams Belang kiest voor een gerestaureerde molen op zijn huidige plek. Liever een molen die niet werkt, dan een open plek, waar de hele buurt het gemis aanvoelt van ‘haar Heimolen’.

      Vragen:

      • Is er een architect/ ontwerper aangesteld? Sinds wanneer?
      • Verloopt het contact met de architect positief zodat de aanvankelijke opdracht verlengd en aangevuld kan worden, namelijk het realiseren en opvolgen van de restauratie?
      • Hoeveel van het voorziene budget van 100.000 euro is al gefactureerd?
       
      Antwoord van schepen Anouk Beels (N-VA):
      Kempens Landschap heeft het definitieve gunningsverslag voor de aanstelling van de architect op 15 september 2025 aan de gemeente bezorgd. De architect is aangesteld op de CBS van 29 september 2025 voor een bedrag van € 63.700,00 excl. btw / € 77.077,00 incl. btw (de lastvoorwaarden voor de aanstellen van de architect waren al goedgekeurd door GR op 28 april 2025).    Dit was niet alleen inhoudelijk, maar ook budgettair de voordeligste offerte.   (Dit budget is specifiek bedoeld voor de aanstelling van een architect voor het  opmaken van een volledig lastenboek voor de renovatiewerken aan de Molen van ’t Heiken en is niet-subsidieerbaar)  

      De architect is begin oktober door Kempens Landschap op de hoogte gebracht van de gunning. Op 27 november 2025 (15u) is er een plaatsbezoek aan de molen van ’t Heiken gepland met de architect, Kempens Landschap, stafmedewerker Erfgoed -Cultuurdienst, de Aartselaarse Molenaars & een vertegenwoordiger van Levende Molens vzw (Koepelorganisatie van Vlaamse Molen)In deze fase gaat het alleen op het opmaken van het lastenboek & kostenraming voor het uitvoeren van de renovatiewerken zowel in situ als op locatie.  Als we deze documenten hebben, kunnen wij de gewenste piste bepalen en kan er op basis van het gedetailleerde lastenboek een prijsvraag voor uitvoering van de gewenste restauratie in de markt worden gezet.  Nu gaan we dus bekijken welke restauraties er nodig zijn, wat de impact ervan is, plannen voor restauratie worden uitgewerkt en een kostenraming wordt bepaald. Er wordt in deze fase dus nog helemaal niks gerestaureerd, 

      € 77.077 euro is overgemaakt aan Kempens Landschap (ref. de overeenkomst waarin staat dat “het benodigde budget voorafgaand aan de uitvoering van de opdracht aan Kempens Landschap dient te worden overgemaakt”). Zij zorgen voor de uitbetaling aan de architect in schijven naarmate het dossier vordert. Zij koppelen ook regelmatig terug naar ons. 

    • Mondelinge vraag ingediend door raadslid Glenn Anné (Ieder1Aartselaar) m.b.t. "De gemeentelijke aanpak van het straatvegen"

      Recent werd onze fractie op de hoogte gesteld dat er voortaan geen parkeerverbod meer geldt voor het straatvegen. Hierdoor moeten gemeentearbeiders met bladblazers tussen geparkeerde auto’s lopen om afgevallen bladeren te verwijderen. Bovendien worden de stroken waar auto’s geparkeerd staan niet meer behandeld.

      Vraag:

      • Graag verneemt onze fractie verdere toelichting hieromtrent


      Antwoord van schepen Hans Cops (N-VA):

      De vraag draait eigenlijk rond één punt: waarom stappen we af van het vaste parkeerverbod bij het straatvegen en werkt dit nieuwe systeem beter? Het vroegere systeem liep steeds vaker vast. We werkten met zones en vaste dagen, met parkeerverbodsborden die twee dagen vooraf moesten worden geplaatst. In de praktijk zorgde dat elke ronde voor dezelfde problemen: bewoners die hun wagen niet hadden verplaatst, auto’s die al dagen geparkeerd stonden omdat de eigenaar op vakantie was, en een Gemeenschapswacht die uren verloor aan nummerplaten noteren, borden fotograferen en dossiers opmaken. De administratie om alles rechtsgeldig te houden woog enorm door. Tegelijk liep het gewone groenonderhoud achter omdat een aparte ploeg voortdurend bezig was met het vegen. 

      Daarbovenop kwam de frustratie op het terrein zelf. Voor onze groenarbeiders stonden de parkeerverbodborden intussen stevig in de top drie van de grootste ergernissen, naast het plaatsen van containers en zakken in nieuw aangelegde perken werd en hondenpoep die niet wordt opgeruimd. Het systeem werkte dus zowel organisatorisch als praktisch tegen. 

      Daarom hebben we het omgedraaid. We werken nu gebied per gebied. Onze groendienst volgt een vaste maandplanning en de veegmachine schuift mee: eerst snoei, knip en onkruid, en aansluitend het vegen. Eén straat, één onderhoudsmoment, volledig proper. Alleen waar de bladval echt te zwaar is, zetten we nog tijdelijk een parkeerverbod. Gericht, niet standaard. 

      Ik hoor de bedenking nu al: “maar sommige stukken worden niet geveegd omdat er auto’s staan.” Dat klopt, maar dat was dus vroeger exact hetzelfde. Ook met het oude systeem geraakten we niet aan elke plek omdat er wagens bleven staan of omdat mensen op vakantie waren. Het enige verschil: toen kostte het ons veel meer tijd, administratie en frustratie — zonder beter resultaat. 

      De essentie is simpel: propere straten, minder rompslomp en meer logica in de planning. We gebruiken een parkeerverbod waar het echt helpt, niet om mensen nodeloos te belasten. 

    • Mondelinge vraag ingediend door raadslid Glenn Anné (Ieder1Aartselaar) m.b.t. "Veiligheid voor de weggebruikers en bereikbaarheid voor bezoekers van de Cranelei moet verbeteren"

      De bewoners van De Cranelei zijn bezorgd om de bereikbaarheid van hun woonwijk, vermits de signalisatie vanop de A12 niet duidelijk zichtbaar is. Bovendien vragen zij om de veiligheid voor het fietsverkeer op de A12 tav de in- en uitrit van De Cranelei te verbeteren.

      • Graag verneemt onze fractie hoe het gemeentebestuur deze problematiek wenst aan te pakken. 

       

      Antwoord van schepen Bart Lambrecht (N-VA):

      De in- en uitrit van De Cranelei is een permanent aandachtspunt, want kent een moeilijke aansluiting op de N177. 

      Er zijn al enkele acties genomen die de zichtbaarheid ten goede komen. De omgeving onder het reclamebord is grondig opgekuist en er is een fietsenstalling gekomen in plaats van hoog opschietend groen. Dat zorgt al voor een beter zicht. 

      Voor fietsverkeer komend vanuit Boom is er in het eerste stuk van de draadafsluiting een open zicht gelaten. 

      Recent is ons beleid veranderd rond verkeersspiegels omwille van de verbeterde spiegels die tegenwoordig op de markt te verkrijgen zijn. Daarom is een eerste prototype aangekocht om uit te testen. Oorspronkelijk suggereerde de verkeerscel om die eerste spiegel aan de uitrit van De Cranelei te hangen, maar daarop gaf de verkeerscel in oktober plots toch een negatief advies. Het college heeft dat advies echter niet gevolgd en besloten om de spiegel er toch te hangen bij wijze van proefopstelling. 

      Wat de signalisatie op de A12 betreft, is de vraag me niet zo duidelijk. Ik ben er vandaag zelf nog gepasseerd en heb niet onmiddellijk signalisatie gevonden die slecht zichtbaar is.